Zuid-Limburg

Streek
Zuid-Limburg
Limburg

zuid-limburg_collage.jpg

Zuid-Limburg, collage (© Jan Dijkstra, Houten)

Zuid-Limburg, collage (© Jan Dijkstra, Houten)

Op ontdekkingstocht door Zuid Limburg voorkant omslag.jpg

Plaatsengids.nl is de opvolger van o.a. de reisgids en het naslagwerk 'Op ontdekkingstocht door Zuid-Limburg' (2003). Dit standaardwerk is alleen nog antiquarisch verkrijgbaar. Zie verder bij Literatuur.

Plaatsengids.nl is de opvolger van o.a. de reisgids en het naslagwerk 'Op ontdekkingstocht door Zuid-Limburg' (2003). Dit standaardwerk is alleen nog antiquarisch verkrijgbaar. Zie verder bij Literatuur.

Bochholtz.JPG

Bocholtz in de gemeente Simpelveld

Bocholtz in de gemeente Simpelveld

Bommerich.JPG

Buurtschap Bommerich mooi gelegen in het Limburgse Heuvelland

Buurtschap Bommerich mooi gelegen in het Limburgse Heuvelland

Epen.JPG

Epen in de gemeente Gulpen-Wittem

Epen in de gemeente Gulpen-Wittem

Mamelis.JPG

Mamelis een prachtige buurtschap vlakbij Vaals

Mamelis een prachtige buurtschap vlakbij Vaals

Mechelen.JPG

Midden in Mechelen Gem. Gulpen-Wittem.

Midden in Mechelen Gem. Gulpen-Wittem.

Schweiberg.JPG

In de hooggelegen buurtschap Schweiberg niet ver van Epen

In de hooggelegen buurtschap Schweiberg niet ver van Epen

Terhorst.JPG

Buurtschap Terhorst in Zuid-Limburg in de gem. Eijsden-Margraten.

Buurtschap Terhorst in Zuid-Limburg in de gem. Eijsden-Margraten

Zuid-Limburg

Terug naar boven

Status en ligging

- Zuid-Limburg is een streek in de provincie Limburg. Deze streek begint waar de provincie Limburg op zijn smalst is, ter hoogte van Susteren. Sinds de fusie in 2002 van de gemeente Susteren met de Midden-Limburgse gemeente Echt tot de nieuwe gemeente Echt-Susteren, wordt die gemeente tot Midden-Limburg gerekend, omdat het in het kader van allerlei samenwerkingsverbanden het meest praktisch is om een gemeente onder één regio te laten vallen. Maar geografisch gezien behoort Susteren vanouds tot 'Zuid' en Echt e.o. tot 'Midden'.

- De regio Zuid-Limburg omvat de gemeenten Beek, Brunssum, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Heerlen, Kerkrade, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Nuth, Onderbanken, Schinnen, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul en Voerendaal. Dat zijn sinds de grootschalige gemeentelijke herindelingen van 1982 plus Gulpen-Wittem per 1999, Sittard-Geleen per 2001 en Eijsden-Margraten per 2011 dus nog 18 gemeenten.

Terug naar boven

Geschiedenis

- Gedurende een groot deel van de 20e eeuw is de mijnbouw van grote invloed geweest in deze streek. - Site over de geschiedenis van de mijnbouw in Zuid-Limburg. - Op de website Onze Mijnwerkers vind je 55 interviews met oud-mijnwerkers over hoe het er destijds in de mijnen aan toeging. - Mijnmuseum De Beukel is in principe alleen virtueel, maar is op aanvraag ook in Meerssen te bezoeken. - 2015 was het Jaar van de Mijnen. Onder de link kun je terugkijken wat er in dat kader allemaal georganiseerd is. - Literatuur over de mijnbouw in Zuid-Limburg.

- De Tweede Wereldoorlog in Zuid-Limburg.

- Site over de bevrijding van Zuid-Limburg (sept. 1944) met beschrijving per plaats, door Arno Lasoe uit Heerlen.

Terug naar boven

Recente ontwikkelingen

- Zuid-Limburg is een van de regio's in Nederland die te maken heeft met krimp (bevolkingsdaling), gecombineerd met de gelijktijdig optredende fenomenen vergrijzing (meer ouderen die ook nog eens steeds ouder worden) en ontgroening (minder jongeren). Dit alles heeft gevolgen op allerlei gebieden, bijvoorbeeld economie, wonen, zorg en onderwijs. Natuurlijk is in de regio al beleid in gang gezet om hier op in te spelen. Zie verder het artikel over het convenant tegen krimp en ontgroening Zuid-Limburg.

Terug naar boven

Bezienswaardigheden

- Veldkruus.nl is dé site over veldkruisen, wegkruisen, kapellen en beelden in Zuid-Limburg. Ook hebben ze wandelingen - zogeheten kruistochten - uitgezet. Veldkruus.nl wil deze objecten op deze manier niet alleen letterlijk en figuurlijk op de kaart zetten, ook de verhalen er achter willen zij graag weten. Aanvullende informatie daarover is daarom altijd welkom.

Terug naar boven

Jaarlijkse evenementen

- De Wandelronde van Zuid-Limburg (weekend in mei) voert je door de mooiste natuurgebieden van deze streek, over zo veel mogelijk onverharde paden en typische Limburgse weidepaadjes met karakteristieke draaipoortjes. In principe is het 3 dagen (met een totale afstand van 100 km), maar je mag ook 2 dagen meedoen, mits aansluitend, dan is de afstand 70 km in totaal.

- Zuid-Limburgse Fietsvierdaagse (begin augustus). Start en finish in Landgraaf. De routes zijn geheel uitgepijld en tevens ontvangt elke deelnemer een duidelijke routebeschrijving. Dagelijks kun je kiezen uit vier afstanden nl. 25, 40, 60 of 100 km, met de mogelijkheid om tijdens de tocht van afstand te wisselen. De routes hebben dagelijks een ander karakter, zo zul je kennismaken met vele facetten uit het Limburgse, Duitse en Belgische landschap.

- Al meer dan 40 jaar is er jaarlijks in een weekend in april in Zuid-Limburg de Amstel Gold Race. De race heeft een lengte van ca. 260 kilometer, voert door een groot deel van Zuid-Limburg en finisht sinds 2005 op de top van de Cauberg in Valkenburg. Op zaterdag is er de toerversie, waarbij u kunt kiezen uit de afstanden 60, 100, 125, 150, 200 en 240 km. Op zondag is er de wedstrijdversie. Sinds 2009 is er het museum Amstel Gold Race Xperience in Valkenburg. Als je jezelf wilt uitleven op het bedwingen van Nederlandse 'bergtoppen', heb je een goede gids aan De Nederlandse Toppen top-40 (middels de link online te bestellen), waarin je de steilste klimtrajecten op vaderlandse bodem beschreven vindt.

- Zuid-Limburg is een krimpregio. Maar dat betekent niet dat ze bij de pakken neerzitten. Integendeel! Ze zijn voortvarend aan de slag met alle uiteenlopende uitdagingen als gevolg van bevolkingsdaling. Dat doen ze door intensief samen te werken en gebruik te maken van onderzoek en experimenten om zo te komen tot vernieuwende en succesvolle aanpakken. Ideeën worden successen door te doen. Hoe ze dat de afgelopen jaren hebben gedaan, en hoe ze dat de komende jaren gaan doen, heeft Zuid-Limburg laten zien op het Festival van de Toekomst (weekend in september 2017). In dat weekend was er een veelzijdige waaier aan lezingen, workshops, debatten, voorstellingen, optredens, pitches en pilots. Transformatie, transitie en innovatie vormden de hoofdthema’s van de programmapunten. Dag 2 nam de deelnemers mee naar de projecten in uitvoering. Het liet zien hoe de diverse projecten eruit zien en wat ze zo bijzonder maakt. Met een duidelijke link naar de eerste dag waar de inhoud centraal stond. Vooraanstaande projecten zijn op locatie inhoudelijk toegelicht. 2017 was de 1e editie, maar we vermoeden dat dit wel een jaarlijks evenement gaat worden. Onder de link hiervoor en in de aftermovie Festival van de Toekomst kun je zien wat er allemaal te doen was.

Terug naar boven

Landschap, natuur en recreatie

- Natuurgebieden in Zuid-Limburg van Staatsbosbeheer.

- Natuurgebieden in Zuid-Limburg van Natuurmonumenten.

- Wie in Nederland met de fiets wil klimmen moet in Zuid-Limburg zijn. Hier liggen de beklimmingen die iedereen kent, natuurlijk mede dankzij de Amstel Gold Race. De Cauberg en Keutenberg zijn namen waarmee je kunt thuiskomen. Deze beklimmingen zijn lang en steil genoeg om de benen flink pijn te doen. Maar er zijn er nog veel meer. In deze regio liggen in een straal van 40 kilometer alle beklimmingen die er in Nederland toe doen. Onder de link vind je er een stuk of 100 waarop je je kunt uitleven. Wie sterke benen heeft kan hier dan ook een flinke dag doorhalen met een hoeveelheid hoogtemeters die aan de Alpen doen denken.

- Stichting Pelgrimswegen & Voetpaden organiseert enkele keren per jaar een groepswandeling naar pelgrimsoorden en andere bijzondere plaatsen in en om Zuid-Limburg.

- Brochure Landschapsvisie Zuid-Limburg.

- Doel van het project Drielandenpark is het landelijk gebied rond de steden Maastricht, Hasselt, Heerlen, Aken en Luik te behouden, te ontwikkelen en duurzaam te beheren. Dit gebied vormt ‘het groene hart van de Euregio’ en kent een sterke afwisseling tussen de steden en het omliggende landelijk gebied, met een enorme rijkdom aan cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden.

- Grubben, graften en holle wegen zijn kenmerkende landschapselementen in een deel van Zuid-Limburg. Samen noemt men het ook wel een bocagelandschap. De aantrekkelijkheid van een bocagelandschap kan je het best vanaf een hoog punt in het landschap bekijken. De vlakverdeling van percelen landbouwgrond omzoomd met bermen, hagen en afgewisseld met stroken bos. De vallei met een slingerende beek erdoor, de hellingen met weidegrond en bosrand. Deze entourage is perfect voor heerlijke wandelingen. Gelukkig is het sinds enkele jaren een trend om de hoogstamboomgaarden weer terug te laten komen, poelen worden weer aangelegd en ook hagen worden weer aangeplant.

De 'holle weg' is als volgt ontstaan: De geulen die vanaf het plateau het water naar onderen afvoerden werden door de bevolking gebruikt als snelle verbindingswegen. Doordat met paard en wagen alles omgewoeld werd, had de natuur vrij spel om de weg uit te hollen. Zo werden sommige holle wegen meters diep uitgesleten. De begroeiing bestond uit grassen, kaphout en struikgewas. Het beheer was hetzelfde als bij de hellingbossen. Men liet hier en daar een boom staan, de overstaander. De rest werd gebruikt als geriefhout.

Een grub is ook een holle weg, maar dan ontstaan door uitschuring en terugtrekking van landijs. Graften ontstonden doordat de boeren stroken bos lieten staan, dwars op de helling waarboven de ontginning plaats vond. Aan de onderkant langs de graft werd de grond weggespoeld door uitholling. Aan de bovenkant werd daarentegen grond aangespoeld omdat de wortels de bodem vasthielden. Zo ontstonden trapvormige terrassen. Uitvoerige informatie over holle wegen, graften, grubben en de actuele stand van zaken hieromtrent, vind je op de site Holleweg.

- Boomgaarden met hoogstamfruitbomen bepalen al eeuwenlang het beeld van Zuid-Limburg. Tot in de jaren zestig gingen veel dorpen en buurtschappen nog schuil achter de vele kleinschalige huisboomgaarden met kersen, peren, pruimen en appelbomen. Door de schaalvergroting en de intensivering van het grondgebruik verdween de hoogstamboomgaard of maakte plaats voor laagstamplantages. In het kader van landschapsherstel en herinrichting zijn daarom diverse dorpen en buurtschappen in de gemeenten Nuth, Meerssen, Valkenburg, Beek en Voerendaal in de afgelopen jaren opgewaardeerd met nieuwe hoogstamboomgaarden.

In het Herinrichtingsgebied Centraal Plateau Limburg zijn in totaal ca. 100 nieuwe boomgaarden bijgeplant. Een nadrukkelijke kwaliteitsimpuls krijgt de buurtschap Grijzegrubben in de gemeente Nuth, die opnieuw is voorzien van de huisboomgaardjes en heggen, die de buurtschap van oudsher als een groene gordel omsluiten. Dat geldt ook voor de buurtschap Walem bij Schin op Geul. Ook de buurtschappen Raar en Waterval (gem. Meerssen) en Swier en Helle (gem. Nuth) zijn van nieuwe aanplant voorzien.

- Het Julianakanaal begint ten noorden van Maastricht bij de stuw van Borgharen, als aftakking van de Maas, en eindigt ongeveer 36 km verder bij Maasbracht, waar het water de Maas weer instroomt. Het kanaal volgt de loop van de Maas, die iets ten westen van het kanaal stroomt en daar de grens met België vormt (vandaar dat de Maas voor dat gedeelte ook de Grensmaas wordt genoemd). Ten oosten van het kanaal loopt de A2. De aanleg van het Julianakanaal is gestart in 1925 en kwam gereed in 1934.

Door de aanleg van het Julianakanaal is er tussen het kanaal en de W ervan stromende Maas, een langgerekt en smal 'eiland' ontstaan. Hierop liggen van zuid naar noord de dorpen en buurtschappen Borgharen, Itteren, Voulwames, Geulle aan de Maas, Meers, Kleine Meers, Veldschuur, Maasband, Berg aan de Maas, Nattenhoven, Obbicht, Grevenbicht, Papenhoven, Schipperskerk, Illikhoven, Vissersweert, Roosteren, Kokkelert, Oevereind, Aasterberg, Ohé, Laak, Stevensweert, Bilt, Eiland en Brandt. Binnenhavens zijn gelegen in Maastricht (Beatrixhaven), Stein en Buchten bij Born. Door de nabije ligging van de staatsmijnen was de haven van Stein vroeger van zeer groot belang. Het was op het Duitse Duisburg na de grootste binnenhaven van Europa. De komende jaren zal het Julianakanaal worden verbreed, om het weer aan de huidige eisen van de scheepvaart te laten voldoen.

- Na jaren voorbereiden en blootleggen is de Romeinse weg dwars door Zuid-Limburg, van het Franse Boulogne sur Mer tot het Duitse Keulen, klaar voor het grote publiek. Met een totale financiële impuls van 300.000 euro slaan gemeenten, Provincie en bedrijfsleven de handen ineen om dit vroege staaltje van beschaving letterlijk tot leven te brengen bij bewoners en bezoekers. Door haar unieke verhaal te vertellen, door een aantal hotspots uit te lichten en door alle betrokken partijen, van geïnteresseerde inwoner tot toeristisch ondernemer, deelgenoot te maken van deze geschiedenis.

Zo’n 50 jaar voor het begin van onze jaartelling werd de aanwezigheid van het toenmalig Romeinse Rijk manifest in de regio Zuid-Limburg. Een bloeiende nieuwe economie werd in korte tijd werkelijkheid om de omvangrijke Romeinse gemeenschap te voeden en te laten groeien. Het landschap kenmerkte zich door uitgestrekte landerijen, bosrijke heuvels en vruchtbare oevers met als bebouwing boerderijen (villae rusticae), wachttorens (burgi) en de Via Belgica. Deze verbindingsweg gold als de levensader voor het reilen en zeilen van de Romeinse manier van leven toentertijd.

Om de waarde van deze historie - waarin het fundament is gelegd voor de westerse cultuur - voelbaar te maken voor de huidige en toekomstige generaties, hebben betrokken overheden groen licht gegeven om in 2017 en 2018 een overall plan van aanpak uit te voeren. Verantwoordelijk gedeputeerde Teunissen (Archeologie) licht toe: “Daarin krijgen bewoners en ondernemers nadrukkelijk de gelegenheid om op de een of andere manier betrokken te raken bij het verhaal en de activiteiten. Een voorbeeld hiervan is het plaatsen van infomeubels in Houthem-St. Gerlach, Katakomben en Goudsberg Valkenburg.

“Ik vind het belangrijk dat inwoners iets weten over het gebied waar ze wonen, zeker met zo’n enorm rijke historie”, aldus Teunissen. Daar sluiten ook de deelnemende gemeenten (Heerlen, Landgraaf, Maastricht, Meerssen, Simpelveld, Valkenburg aan de Geul en Voerendaal) zich bij aan. Het plan kenmerkt zich door samenhang in met name de volgende elementen: het verhaal vertellen van Via Belgica, dat antwoord geeft op vragen als wie zijn die Romeinen, hoe zag het landschap eruit, hoe zag de Romeinse manier van leven eruit; de belangrijkste herkenningspunten uit die periode zoals de wachttorens (bijv. Goudsberg), zichtbaar en toegankelijk maken voor het grote publiek; alle ruimte geven aan verschillende partijen om aan te haken en hun eigen bijdrage te leveren aan het verhaal van Via Belgica, zoals het aanleggen van een grensoverschrijdende fiets- en wandelroute. (bron: provincie Limburg)

- Als in 2002 de laatste bewoonde hamsterburcht in Heer (gemeente Maastricht) wordt gevonden, lijkt het er op of de korenwolf of wilde hamster in Zuid-Limburg voorgoed is uitgestorven. Om dit te voorkomen wordt in datzelfde jaar begonnen met de herintroductie van de wilde hamster via een fokprogramma dat door Das & Boom in 1999 was gestart. Inmiddels gaat het een stuk beter met de korenwolf. Dat de meeste burchten in korenwolfvriendelijke terreinen zijn gevonden, geeft aan hoe belangrijk het speciale korenwolfbeheer is. De verspreiding van de korenwolf is beperkt tot Zuid- en Midden-Limburg, ten zuiden van Roermond. Hij leeft uitsluitend op löss- en leemgronden. Die bieden voldoende stevigheid en een goede ontwatering voor zijn burcht.

Vanaf 2002 zijn er korenwolven uitgezet in Sibbe, Amby, Heer, Sittard-Kollenberg, Koningsbosch, Puth, Wittem, Heerlen en Jabeek. Op dit moment kunnen vier korenwolfleefgebieden worden onderscheiden: Wittem-Bocholtz-Avantis (Mergelland Oost); Amby, Heer en Sibbe (Mergelland West); Sittard-Puth-Jabeek (Landschapspark de Graven); Koningsbosch. De leefgebieden binnen een cluster bestaan uit verschillende blokken met hamstervriendelijk beheer. Binnen deze leefgebieden zijn middels aangepast akkerbeheer stapstenen gecreëerd om uitwisseling van hamsters mogelijk te maken. De ontwikkeling van de populaties verschilt echter sterk per leefgebied. Zo is er bijvoorbeeld  in het gebied  ten oosten van Sittard tot bij Doenrade en in de zone Amby-Heer ten oosten van Maastricht een vrij stabiele populatie terwijl de populatie bij Wittem geen stand heeft weten te houden en die nabij Avantis, Bocholtz en Sibbe fluctueren. Op de speciale website over de korenwolf op de site van de provincie Limburg vind je onder meer informatie over bescherming van de korenwolf, hamsterbeheer en subsidieregelingen.

- Nationaal Landschap Zuid-Limburg is het groene hart tussen de drie stedelijke agglomeraties Maastricht, Sittard-Geleen en Parkstad Limburg. Een gebied wordt uitgeroepen tot Nationaal Landschap wanneer het een unieke combinatie van cultuurhistorische en natuurlijke elementen herbergt. Natuur (flora en fauna), reliëf, grondgebruik en bebouwing vormen een fraai samenspel. Daarmee wordt het verhaal van het landschap verteld. Provinciale Staten van Limburg hebben in 2014 via het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL) het belang van het Nationaal Landschap Zuid-Limburg onderschreven. Wonen en werken in een Nationaal Landschap betekent dat je verzekerd bent van een mooie, groene omgeving. Deze landschappelijke kwaliteiten moeten behouden blijven, duurzaam worden beheerd en waar mogelijk versterkt. Het Nationaal Landschap biedt ruimte voor regionale en lokale bedrijvigheid, inclusief grondgebonden landbouwbedrijven, maar met respect voor de omgeving. Grootschalige woningbouw, megastallen en bedrijventerreinen zijn er niet toegestaan.

- De Maas is een indrukwekkende regenrivier en vormt 40 km lang de Belgisch-Nederlandse grens van Maastricht tot Kessenich. Het is een gevarieerd landschap met een wirwar van oude rivierarmen, oeverwallen, stroomgeulen, grindbanken, met aansluitend monumentale historische plaatsen. Dit deel van de rivier met omgeving wordt tegenwoordig toeristisch op de kaart gezet onder de naam RivierPark Maasvallei.

Terug naar boven

Literatuur

- Boeken, wandel- en fietsgidsen over Zuid-Limburg (online te bestellen).

- Op ontdekkingstocht door Zuid-Limburg (2003), reisgids en naslagwerk voor toeristen én streekbewonersis, is het enige boek dat werkelijk álle 250 plaatsen en plaatsjes van deze streek, tot aan het allerkleinste buurtschapje (zoals Voulwames), gedetailleerd beschrijft en afbeeldt. Vrijwel iedere vierkante meter van de streek wordt beschreven. Samensteller is Frank van den Hoven, hoofdredacteur van Plaatsengids.nl, met medewerking van ca. 100 lokale en thematische heemkundigen e.a. specialisten uit de regio. 720 pagina's met evenveel afbeeldingen in kleur. Dit standaardwerk, dat als een van de voorlopers van Plaatsengids.nl kan worden beschouwd en nog altijd een hoge actualiteitswaarde heeft, is inmiddels uitverkocht en alleen incidenteel nog antiquarisch verkrijgbaar (zie de link).

Terug naar boven

Links

- Algemeen: - Zuid-Limburg.nl is het portaal over werken, wonen en leven in deze regio.

- Economie: - Limburg Economic Development (LED) is in 2012 door de gemeenten in Zuid-Limburg opgericht als instrument voor het gezamenlijke economische beleid. LED speelt een 'onderkoepelende' rol: aanjagen, netwerken en stimuleren van innovatie in het MKB al of niet in samenwerking met de kennisinstellingen. In het bestuur zijn vertegenwoordigd: gemeenten, Provincie, LWV, LIOF, KvK, HBO, MBO, OU, Maastricht Univeristy, APG, de Zuid-Limburgse ziekenhuizen, Brightlands en de Zud-Limburgse Rabobanken. LED maakt deel uit van het Brainport Network Zuidoost Nederland.

Samen werken zij mee aan de uitbouw van Zuid-Limburg tot een krachtige top-technologische regio. De Brainport2020 strategie en agenda is daarbij leidend. Een toekomstbestendige regionaal-economische ontwikkeling is afhankelijk van 4 samenhangende voorwaarden: kennisontwikkeling (technology); de vertaling daarvan in bedrijvigheid (business); voldoende goed opgeleid personeel (people); en een goed vestigingsklimaat voor bedrijven en mensen die hier (komen) werken (basics).

- Genealogie: - De Nederlandse Genealogische Vereniging (NGV) afd. Zuid-Limburg omvat ook de regio Roermond.

Terug naar boven

De Zuid-Limburgse dialecten

In 2003 publiceerde de (in 2005 overleden) Neerlandicus en Zuid-Limburgse heemkundige Jan Notten het onderstaande artikel in het boek "Op ontdekkingstocht door Zuid-Limburg" (zie hierboven bij Literatuur):

"Limburgse dialecten: golvend als het landschap
‘Het Nederlandse buitenland.’ Zo noemen de toeristen het Zuid-Limburgse landschap. Heuvels, dalen, holle wegen, hier en daar een vakwerkhuis, een kasteel en een boerderij. Nergens anders in ons land te zien.

Maar er is meer. Wie met een inwoner in gesprek komt, wordt getroffen door de zangerige spreektoon, de soms vreemde klanken en de nog nooit gehoorde woorden. In Zuid-Limburg zijn veel mensen trouw gebleven aan hun dialect. Maar de vreemdeling die zijn oor te luister legt, onderscheidt niet één Limburgs dialect, maar een groot aantal plaatselijke. Als hij zijn weg vervolgt, hoort hij hoe de klanken en woorden veranderen. Dit artikel beperkt zich tot het zuiden van de provincie Limburg, het toeristenoord bij uitstek in ons land. Waar de dialecten golven als het landschap.

De studie van dialecten
De studie van dialecten is betrekkelijk jong. Pas ruim een eeuw geleden kwamen de taalkundigen tot de bevinding dat de streektalen - niet enkel in Limburg maar ook elders - als gevolg van hun opvallende klankvariaties en hun verrassend rijke woordvoorraad een studie meer dan waard waren. Maar dialectgeschriften bestonden nauwelijks en wie meer wilde weten moest met pen en papier op stap.

De Limburgse dialectstudie is geboren in het Rijnland. Daar ondernamen Duitse pioniers in het laatste kwart van de 19e eeuw de eerste onderzoekingen naar de in hun buurt gesproken Mundarten en Georg Wenker was de grondlegger van wat we nu dialectatlassen noemen. In 1876 stuurde hij een folder rond met veertig zinnen, gevolgd door de vraag deze in het plaatselijk dialect te vertalen. Uit duizenden dorpen kwamen antwoorden binnen en Wenker legde al de verschillen vast in een boekje van welgeteld 16 pagina’s.

Waar een klank of een woord overgaat in een andere, moet men natuurlijk een lijn trekken en zulk een lijn noemt men een isoglosse. In de tijd van Wenker bestond de term nog niet, maar toch trok hij lijnen die de verschillen lieten zien. Een isoglosse (isos = gelijk en glosse = taal) is een lijn die de uiterste geografische punten aangeeft van het verspreidingsgebied van een bepaald taalverschijnsel.

In publicaties uit zijn tijd kan men lezen dat Wenker, geboren in 1854, tot zijn grote verbazing ontdekte dat de door hem getrokken lijnen zich zomaar voortzetten tot voorbij Kerkrade op Nederlands grondgebied en tot Malmedy in België. Voor tegenwoordige taalvorsers is dat niets nieuws meer, want zij weten dat isoglossen zich niets aantrekken van landsgrenzen. Isoglossen waren er al eeuwen vóórdat de mens die grenzen op de kaart zette. Maar niemand had er ooit aandacht aan geschonken.

Het centrum Keulen
Tegenwoordig zijn alle isoglossen in Zuid-Limburg op kaarten ingetekend. Zo kan men zien waar de mensen krevat zeggen en waar bind of sjlieps (das). Waar ze tsiedónk zeggen of gezèt als de krant in de bus valt en waar men wieëdsjaf zegt of café. En nu een moeilijker voorbeeld: waar men paerd zegt of paeëd (paard).

Wie inzicht wil krijgen in de dialectatlas van Zuid-Limburg, moet zich de stad Keulen voorstellen als het middelpunt van een cirkel. De isoglossen in onze regio lopen allemaal als concentrische cirkels om die stad heen en de vergelijking met kringen in het water, die ontstaan wanneer men er een steen in gooit, dringt zich op. Keulen is al sinds de Romeinse Tijd een centrum van kunst en cultuur, wetenschap en religie, handel en verkeer. En dit soort van metropolen vertoont een grote ‘talige expansie’: het in die stad gesproken dialect dringt door tot ver in de omtrek. Amsterdam, Parijs, Londen en Milaan zijn andere grote Europese steden die dit bewijzen. De omringende kleinere dorpen nemen het dialect van de grote stad over. En zo vertonen de dialecten van Zuid-Limburg vele Rijnlandse (Keulse) kenmerken. De dialecten die het dichtst bij Keulen liggen (voorbeelden: Kerkrade, Simpelveld, Vaals) zelfs zoveel dat ze voor de andere dialectsprekenden moeilijk verstaanbaar zijn.

De tegenpool Luik
Zoals het Rijnland - met Keulen als centrum - vanuit het oosten de Zuid-Limburgse dialecten heeft beïnvloed, zo deed het Franstalig gebied rondom Luik dat vanuit het westen. En zo komt het dat het Maastrichtse dialect zo ‘Frans’ aandoet: appetiet, kómpassie, kalebas, sjapiter, zjustemint, gezèt, avvensere en een massa andere woorden zorgen daarvoor. Zuid-Limburg was al in de Middeleeuwen een soort bufferstaat tussen twee machtige taalgebieden: het Germaanse aan de oostzijde en het Romaanse aan de westkant. En na eeuwen is dat nog steeds zo: Rijnlandse (Duitse) woorden en  klanken klinken in Kerkrade en Franstalige in Maastricht.

De Benrather lijn
De belangrijkste isoglosse is de zogenoemde Benrather lijn, ook wel Benrather Linie genoemd. Ze doorsnijdt heel Duitsland van oost (Polen) naar west. Bij Benrath overschrijdt ze de Rijn - vandaar de naam - en dan buigt ze naar het zuiden. Vervolgens passeert ze de grens met Nederland en loopt zuidwaarts tussen Schaesberg en Eygelshoven door, gaat dan tussen Kerkrade en Vaals door en tenslotte bereikt ze in de buurt van Malmedy de Franse taalgrens.
Plaatsen die oostelijk van deze lijn liggen - zie de kaart - vertonen dientengevolge vele Rijnlandse kenmerken en in de oren van andere Limburgers klinken die dialecten fors ‘Duits’. Voorbeelden: jaad (tuin), durch (door), tsóg (trein), vunf (vijf), wiets (grap), anzug (kostuum), kreeg (oorlog) en vele, vele andere.
Maar ook wat klanken betreft, is de lijn onderscheidend:
k wordt ch aan het woordeinde: daak-daach, look-laoch, book-bóch, sjpraeke-sjpraeche en vele andere woorden;
t wordt s aan het woordeinde: aete-aese, laote-losse, sjtraot-sjtraos;
en t wordt ts aan het begin: tand-tsank, twieë-tswai, tèlle-tsèlle.
Dit drietal voorbeelden is slechts een greep uit een groot aantal. Maar dit artikel zou uit zijn voegen raken, als de rij langer zou worden.

Binnendringers
Maar de Benrather lijn vertoont gaten. Vele woorden en klanken - zo constateert de onderzoeker - slippen er doorheen en dringen dus Zuid-Limburg binnen. De ene verder dan de andere. Zo hoort men het werkwoord mache tot in Simpelveld, en sage dringt nog verder door: tot voorbij Mechelen, Eys en Heerlen (zie kaartje). Al die woorden van Rijnlandse oorsprong vinden ergens in Limburg hun einde en worden vervangen door een ander woord. De taalhistoricus trekt daar een lijn op de kaart: alweer een isoglosse. Ze lopen allemaal van noord naar zuid, als een cirkel om Keulen heen.
Woorden als paeëd, wöad, doosj, daesje, koosj hoort men in Zuid-Limburg tot in Partij en Gulpen (en soms in Wijlre). De wegval van de r in deze woorden is typerend voor het ‘Rijnlands’. Maar wie dan verder naar het westen wandelt, naar Etenaken en Strucht, hoort de woorden paerd, woord en doorsj, daersje, koorsj. Met een r dus.
Nog een opvallend Rijnlands woord is het lidwoord d’r. Men spreekt in oostelijk Zuid-Limburg van d’r pap, d’r Pierre, d’r vogel, d’r daag, d’r jóng en d’r appel. Dat d’r dringt ver door naar het westen: tot Schin op Geul, maar niet tot Valkenburg (daar zegt men pap, Pierre, vogel enzovoorts). Wel zuidelijk tot plaatsen zoals Slenaken, Reijmerstok, Mheer en Banholt. Maar niet tot Gronsveld.

Het slagveld Zuid-Limburg
Het heeft iets weg van aanstormende soldaten - Rijnlandse en Franstalige - die in Zuid-Limburg op elkaar botsen. En zo ziet de streek er uit als een merkwaardig slagveld. Het meest alarmerend is wel, dat de twee legers op hun beurt worden aangevallen door de overheersende Nederlandse taal. Rijnlandse woorden worden teruggedrongen naar het oosten. Hoorde men vroeger het woord vunf (vijf) nog tot in Wijlre, nu nog slechts tot in Gulpen. De dialectvorser luistert ernaar en verschuift de betreffende isoglosse iets naar het oosten. Dèks en ummer ziet hij ‘sneuvelen’ en vervangen worden door vaak en steeds. En dat is veel erger. “Die twee worden verhollandst”, denkt hij. Zal hij dèks en ummer nu maar wegvegen?
Maar dat die dialecten binnenkort volledig zullen worden opgeslokt door het allesverzengende Nederlands, neen, daar gelooft hij niets van."

Reactie toevoegen