Biesbosch

Natuurgebied
Dordrecht Werkendam Drimmelen
West-Brabant Land van Heusden en Altena Amerstreek
Zuid-HollandNoord-Brabant

Biesbosch

(De cursieve alinea's zijn van onze lokale sponsoren)

Terug naar boven

Eten en drinken

- Reserveer hier online je restaurant in omgeving Biesbosch.

Terug naar boven

Literatuur

- Nieuwe en tweedehands boeken over de Biesbosch (online te bestellen).

Terug naar boven

Status, ligging, statistische gegevens

Nationaal Park De Biesbosch is een omvangrijk en waterrijk natuurgebied, dat onder verschillende gemeenten en provincies valt. In totaal meet het een kleine 10 bij 10 km, ca. 7.000 ha. Het gebied wordt sinds 1958 beheerd door Staatsbosbeheer. Het is verdeeld in de Hollandse Biesbosch (provincie Zuid-Holland, gemeente Dordrecht), dat op zijn beurt weer is verdeeld in de Sliedrechtse Biesbosch (de langgerekte horizontale punt oostelijk van Dordrecht, t/m 30-6-1970 gemeente Sliedrecht), en de Dordtse Biesbosch, zuidoostelijk van Dordrecht. Deze twee gebieden zijn verbonden door een smalle strook natuur langs de Nieuwe Merwede. Het oostelijk deel van de Biesbosch valt onder de provincie Noord-Brabant (in de regio West-Brabant), waarbij de noordelijke helft onder de gemeente Werkendam valt (en in de streek Land van Heusden en Altena ligt), en de zuidelijke helft onder de gemeente Drimmelen (in de streek Amerstreek). Het gebied valt dus onder 2 provincies en 3 gemeenten.

Terug naar boven

Geschiedenis

De Biesbosch is ontstaan dankzij de St. Elisabethsvloed van 1421. Dit zette de hele Grote of Zuidhollandse Waard onder water waardoor naar schatting 16 dorpen blijvend van de landkaart verdwenen. Het gebied heeft tot 1970 in open verbinding met de zee gestaan. De Biesbosch is lange tijd één van de weinige zoetwatergetijdendelta's in de wereld geweest. De afsluiting van het Haringvliet in 1970 zorgde ervoor dat het gebied niet langer onder invloed van eb en vloed stond.

Biezen (aan de bies dankt het gebied zijn naam), riet en wilgenhout groeien deels spontaan, maar zijn in belangrijke mate door de mens aangeplant. Het oogsten en verwerken van deze materialen vormde voor veel bewoners in en rond de Biesbosch het belangrijkste middel van bestaan. Centraal in het Biesboschmuseum staat de wijze waarop de mens in en rond het gebied zijn brood verdiend heeft. Er is te zien onder welke, vaak mensonterende, omstandigheden de griendwerker 's winters het wilgenhout in de grienden hakte; hoe de biezen- en rietsnijders hun materiaal oogstten; welke gereedschappen men gebruikte; waar de griendwerkers, die de hele week in het gebied verbleven, in woonden en wat elke griendwerker in zijn 'kooikist' van huis meenam.

Nadat het hout, de biezen en het riet gewonnen waren, werd het uit de Biesbosch vervoerd en afgeleverd bij bedrijfjes gelegen aan de rand van het gebied. Daar verwerkten biezenmatters, mandenmakers, hoepelmakers en kuipers de materialen. De werkplaatsen en gereedschappen van deze zeer specifieke ambachten, die in veel gevallen totaal verdwenen zijn, zijn in het museum te zien. Twee bijzondere poppenverzamelingen geven een indruk van de aard van de werkzaamheden van de ambachtslieden. Ook te zien is hoe, in een later stadium, veel hout zijn bestemming vond in de zinkstukken die in de waterbouw gebruikt werden.

De Biesbosch staat tegenwoordig bekend als recreatiegebied. Het verdwijnen van eb en vloed heeft het gebied voor vrijwel iedereen toegankelijk gemaakt. De vroegere ontoegankelijkheid, veroorzaakt door het getij, heeft er in de Tweede Wereldoorlog voor gezorgd dat de Duitse bezetters het gebied niet onder controle hebben kunnen krijgen. Het was een ideaal onderduikadres. In het laatste jaar van de oorlog zijn zelfs 70 Duitse soldaten krijgsgevangen gemaakt en verborgen gehouden. Als eind 1944 het zuiden van Nederland bevrijd is, en het gebied boven de Amer, inclusief de Biesbosch, nog bezet is worden door het verzet de zgn. crossings georganiseerd. Er wordt verschillende malen van bevrijd naar bezet gebied en vice versa gevaren om enerzijds mensen in gevaar en  pionagemateriaal naar bevrijd Nederland te brengen en medicijnen van bevrijd naar bezet Nederland te transporteren. Het museum biedt hier ruime aandacht aan.

In het museum wordt vanzelfsprekend ook aandacht besteed aan de rijke flora en fauna van de Biesbosch. Ook de vis- en vogelstand is beïnvloed door de veranderde omstandigheden. Vooral de soortenrijkdom aan vis is door het afsluiten van de verbinding met zee sterk afgenomen. In een oeveraquarium wordt getracht van elke vissoort die ooit in het gebied voorgekomen is een geprepareerd exemplaar te huisvesten. Een drie meter lange steur is het middelpunt van dit paludarium, waarin zo'n 20 overige soorten te zien zijn.

In de vaste collectie is verder aandacht voor visserij, stroperij, waterwinning en het uitzetten van de bever. Stichting Biesboschmuseum beheert tevens een naast het museum gelegen griendencomplex, De Pannekoek. Ieder jaar wordt de rietkraag aan het water gesneden en een deel van het griendencomplex gehakt. Op dit gebied, waar ook een wilgentuin, een vangpijp van een eendenkooi en klepduikers te zien zijn, is een wandeling van twee kilometer uitgezet. Het Biesboschmuseum beschikt ook over een elektrisch aangedreven rondvaartboot waarmee rondvaarten door het gebied worden gemaakt.

- PostNL had hier vermoedelijk de duurste klanten van het hele land: dagelijks ging een postbode per boot de Biesbosch door om de 5 gezinnen die daar wonen hun post te bezorgen. In 1997 was het honderd jaar geleden dat de PTT deze wijze van postbezorging aldaar begon. Ter gelegenheid van dat feit is een speciale prentbriefkaart uitgegeven met een afbeelding van de postboot. Aanvankelijk begon men met roeibootjes, waarmee men twee dagen onderweg was. In de Biesbosch bevond zich op een eilandje één brievenbus, voor inwoners en recreanten, die slechts over het water was te bereiken. Gezien de herinrichting van het gebied van de afgelopen jaren, vermoeden wij dat beide (postboot en brievenbus) er vandaag de dag niet meer zijn.

Terug naar boven

Recente ontwikkelingen

- Nationaal Park De Biesbosch breidt de komende jaren flink uit. Ook de hoeveelheid natuur rondom het natuurgebied neemt toe. Er ontstaat bijna 4.000 hectare nieuwe natuur. In de kleine Noordwaard keert de rivierdynamiek terug, inclusief de bijbehorende planten. De grote Noordwaard is primair bedoeld om water op te vangen in perioden van hoog water. In de Sliedrechtse Biesbosch ontstaat een zoetwatergebied in het deel waar de getijdenwerking het sterkst is. Het waterpeil schommelt er 70 tot 80 centimeter. Ook daar wordt veiligheid gecombineerd met natuurontwikkeling. De Nieuwe Dordtse Biesbosch wordt een recreatieplek voor inwoners van de gemeente Dordtrecht. De aanpak hier sluit aan bij het rijksbeleid om dicht bij steden meer natuur met recreatiemogelijkheden aan te bieden. (bron: Staatsbosbeheer, 25-4-2008)

- Na jaren van voorbereiding is in 2011 het Parkschap Nationaal Park De Biesbosch opgericht. Dit parkschap vervangt de verschillende natuur- en recreatieschappen in Zuid-Holland en Noord-Brabant. Het Parkschap richt zich op de ontwikkeling van De Biesbosch op het terrein van natuur, recreatie en toerisme. Behoud van de natuurwaarden in het park, zoals de oernatuur in het gebied en de grote beverpopulatie, is hierbij een van de belangrijkste uitgangspunten.

- Van 2011 t/m 2015 is een project uitgevoerd om de Noordwaard, gelegen ZW van Werkendam, te 'ontpolderen'. Het plangebied is ongeveer 4500 hectare groot. Ongeveer 2000 hectare daarvan is van binnendijks naar buitendijks gebracht. Dat is gerealiseerd door de dijken deels af te graven om in- en uitstroomopeningen te creëren. Het doel is om het water bij hoge waterstanden zo ver mogelijk bovenstrooms van de Nieuwe Merwede af te leiden en dan benedenstrooms zo westelijk mogelijk richting het Hollandsch Diep af te voeren. Dit 'doorstroomgebied' staat minimaal enkele keren per jaar, vooral in de wintermaanden, onder water. In de andere delen van de Noordwaard, die door kades worden beschermd, gebeurt dit veel minder vaak. Deze gebieden zullen eens in de 100 tot 1000 jaar overstromen. De ontpoldering levert een belangrijke bijdrage aan een daling van de waterstand met 30 centimeter in de Boven Merwede ter hoogte van Gorinchem. Dat is nodig om het rivierengebied te beschermen tegen overstromingen.

De Noordwaard werd voorheen vooral gebruikt voor de landbouw. Bijzonder aan het project is dat het uitgangspunt is dat bewoners en ondernemers ook na de ontpoldering kunnen blijven wonen en werken in de Noordwaard. In een intensief ontwerpproces heeft het projectbureau Noordwaard bewoners en ondernemers nauw betrokken om samen oplossingen op maat te bedenken. Drie akkerbouwers uit de polder Noordwaard zijn verhuisd naar de polder Jannezand bij Hank. Zo maken zij 'ruimte voor de rivier' in de Noordwaard. De polder Jannezand (circa 350 ha) is bij uitstek geschikt voor akkerbouwers. De waterhuishouding en de ontsluiting van de kavels zijn daarvoor geoptimaliseerd. Jannezand is nu een polder met akkerbouw, omlijst door natuur en recreatiemogelijkheden. De kreken hebben een hoge ecologische waarde en maken onderdeel uit van de Ecologische Hoofdstructuur.

- Het hart van de Biesbosch is in 2011 compleet gemaakt met de aanleg van natuurgebied Zuiderklip. In het gebied zijn polders onder water gezet. De voormalige landbouwpolders vormen nu een zoetwatergetijdenatuurgebied dat de waterveiligheid in de omgeving vergroot. Doordat de polders zijn aangesloten op het buitenwater, stroomt er meer water door Nationaal Park de Biesbosch. Hierdoor stuwt de Bergsche Maas bij hoogwater minder op. Daarnaast is in de Zuiderklip maar liefst 360 hectare nieuwe natuur ingericht, conform het Europese beleid Natura 2000. In het natuurgebied kan ook gerecreëerd worden. Er is een wandelroute over dijken ten zuiden van de nieuwe geul en er zijn extra aanlegsteigers aangelegd.

Terug naar boven

Bezienswaardigheden

- Het Biesboschmuseum bevindt zich midden in de Brabantse Biesbosch, enkele kilomters ZW van Werkendam.

Op het Biesbosch Museum Eiland is in 2015 een waterzuivering aangelegd die werkt met wilgen. Het is een nieuw type helofytenfilter. In plaats van riet vormen wilgen in dit filter de zuiverende planten. Wilgen staan erom bekend veel water te verdampen en snel meststoffen als stikstof en fosfaat uit water op te nemen. De wilgen verdampen een groot deel van het afvalwater, zodat er minder afvalwater wordt geloosd. Bovendien is het water dat wordt geloosd schoner dan normaal afvalwater. Het filter op het Museum Eiland is 100 m2 groot en reinigt al het afvalwater uit het museum en het restaurant. De takken van deze wilgen worden eens per 2 jaar geoogst en gebruikt als duurzame brandstof in de biomassakachel van het museum. Afvalwater wordt op deze wijze gezuiverd en omgezet in biobrandstof.

Wilgenzuiveringen worden al langer gebruikt in Scandinavië. In Zweden zijn grootschalige systemen aangelegd die huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater en effluent van rioolwaterzuiveringsinstallaties behandelen. De in Scandinavië opgedane kennis is nu met steun van InnovatieNetwerk naar Nederland gehaald. Doordat de wilgen nuttige biomassa leveren in de vorm van hernieuwbare brandstof is het wilgenfilter economisch nog gunstiger dan een traditioneel helofytenfilter. Een deel van de geoogste wilgentakken kan bovendien worden gebruikt in andere toepassingen dan brandstof, zoals zinkstukken of stuifschermen in de weg- en waterbouw. Het voordeel van combineren van wilgenteelt met waterzuivering is dat de wilgen in waterzuiveringsfilters continu gevoed worden met voedselrijk water, waardoor zij aanzienlijk meer biomassa produceren dan een wilgenplantage zonder waterzuiveringsfunctie. De combinatie van wilgenteelt met waterzuivering is dus om meerdere redenen zeer aantrekkelijk. (bron: Stichting Probos, 16-06-2015)

Terug naar boven

Landschap, natuur en recreatie

- Bezoekerscentra waarvandaan je het beste dit gebied in kunt trekken, vindt u in Dordrecht (voor de Hollandse Biesbosch) en Drimmelen (voor de Brabantse Biesbosch).

- Sinds april 2016 graast er een kudde Konikpaarden in de Noordwaard. Samen met de kuddes Schotse Hooglanders en waterbuffels zorgen zij ervoor dat het gebied niet dichtgroeit en het water voldoende kan doorstromen. De Konikpaarden en Schotse Hooglanders grazen op de droge delen, terwijl de waterbuffels ook graag op zoek gaan naar voedsel in de nattere zones. Dit concept van begrazing is door Gebr. van Kessel samen met FREE Nature en Bureau Waardenburg uitgewerkt. Hiermee geven zij vorm aan de twee belangrijkste doelstellingen van Rijkswaterstaat voor het onderhoud van het doorstroomgebied van de Noordwaard: doorstroombaarheid in het hoogwaterseizoen waarborgen en in het groeiseizon zoveel mogelijk natuurontwikkeling realiseren.

De beheerders zijn verheugd dat de Konikpaarden in de Noordwaard hebben ontdekt dat lisdoddes een prima voedselbron zijn. Want zo blijft de Noordwaard open, ontstaat er ruimte voor de rivier en houdt Gorinchem droge voeten. De Konikpaarden, afkomstig uit het Munnikenland bij Slot Loevestein, waren gewend aan het voedselpakket in een hooggelegen uiterwaard. De Noordwaard ligt echter een stuk lager en daar groeien dan ook deels andere planten. Lisdodde komt ook bij Loevestein wel voor, maar niet massaal. Daar werd de plant niet graag gegeten. In de Noordwaard is een bepaald deel van het gebied zeer drassig en daardoor een ideale vestigingsplaats voor de lisdodde. Daar staat de plant massaal. Als de dieren deze plant niet zouden eten, moet deze machinaal worden verwijderd, om voldoende doorstroming te kunnen garanderen.

Bij het introduceren van dieren in een nieuw gebied leren ze beetje bij beetje welke planten wel en niet eetbaar zijn. Dat gebeurt door trial and error, een leerproces waarbij dieren een klein hapje proberen en zo leren hoe de plant smaakt. Ook specifieke eigenschappen van planten worden zo ontdekt. Zo leert een kudde om te gaan met de voedselbronnen in hun leefgebied en bouwen zij een schat aan kennis op. Die kennis geven zij weer door aan de volgende generatie. Hoe langer een kudde in een gebied leeft, hoe meer ervaring zij opdoen en hoe effectiever hun graasgedrag. Kennelijk hebben de Konikpaarden de lisdodde in de Noordwaard wél lekker leren vinden. Het is niet uitgesloten dat de lisdodde in de Noordwaard anders smaakt dan die in het Munnikenland, waardoor de paarden ze hier wél lekker vinden. (bron: Tanja de Bode, FREE Nature)

Terug naar boven

Links

- Officiële site van Nationaal Park De Biesbosch.

- Hollandse Biesbosch (= het Dordrechtse gedeelte).

- Informatieve site over de Biesbosch met o.a. gratis tweemaandelijks digitaal magazine.

Reactie toevoegen