Roden
Onderdelen
lokatie
Status
Roden is een dorp in de gemeente Noordenveld, Het is de hoofdplaats van de gemeente. Roden was een zelfstandige gemeente t/m 1997. De gemeente Roden omvatte naast het gelijknamige dorp de kernen Foxwolde, Leutingewolde, Lieveren, Matsloot, Nietap, Roderwolde, Sandebuur, Steenbergen en Terheijl.
Naam
Lokale schrijfwijze en uitspraak
Roon. Een inwoner is een Rôner. Dit wordt algemeen gebruikt voor een authentieke inwoner, terwijl de latere ‘import’ in het dorp consequent wordt aangeduid als Rodenaar.
Oudere schrijfwijzen
De naam Roden is een van de oudere in Drenthe en duikt voor het eerst in de geschriften op in 1139 als Rothen. In 1225 lezen we Rode, in 1233 Rothe, Roiden (1256), en twee jaar later weer Rode. In het begin van de 14e eeuw duikt eerst Roeden op (1322), en reeds in 1335 de naam Roden. Dit wordt in 1381 geschreven als Roede, in 1536-36 Rhoën, en Roen (1599-1600). Daarna wordt het meer algemeen Roden. In 1561 kunnen we Roon lezen en deze laatste naam is nog altijd de Drentse benaming voor de plaats.
Naamsverklaring
Over de herkomst van de naam doen meerdere theoriën de ronde. Zo zou het verband kunnen houden met het Latijnse roton, dat een ‘rond bouwwerk’ is, of rota, een ‘kerkelijk gerechtshof’. Rothe kan betekenen ‘gezelschap’ of ‘het roten van vlas’. Volgens historicus W.T. Vleer uit Norg zou men ook kunnen denken aan de kleur ‘rood’, gezien de oorspronkelijke schrijfwijze Rothen; voorts zou er verband kunnen zijn met de naam ‘Rotherik’ of ‘Rorik’. Het meest voor de hand liggend en het meest aanvaard is echter de afleiding van het woord rode, dat ‘rooiïng’, ‘ontginning’ betekent, men denke bijvoorbeeld aan het ‘rooien’ van bomen. De uitgang op –n is dan de derde naamval meervoud, hetgeen doorgaans kan duiden op een plaatsbepaling als ‘bij’: ‘bij de in ontginning genomen woeste gronden’, of ‘bij de gerooide plek in het bos’. Het Oudfriese werkwoord to-rothia betekent ook ‘uit de grond trekken’. Dit is des te waarschijnlijker als we eens kijken naar diverse plaatsnamen gelegen in een bosrijke omgeving in Duitsland (waar in de 12e eeuw het verschil in taal met Drenthe vrij gering was): Wernigerode, Harzrode of Hasserode, die allemaal afstammen van het Duitse werkwoord ‘roden’: ‘ontginnen’, ‘rooien’.
Bij- en spotnamen
Er zijn meerdere schimpnamen voor de inwoners van Roden. De meest frequente zijn Peerdevillers (paardenslachters) of Peervillers, duidelijk verwijzend naar de bekende Paardenmarkt en de vele paarden in het dorp. Andere schimpnamen luiden Metworsten en Zeuten (een soort appels, maar ook ‘zuiplappen’).
Ligging
Roden ligt in het noordwesten van de provincie, ten zuidoosten van Nietap en Leek, 15 km ten zuidwesten van Groningen, even ten westen van Peize en ten noorden van Norg.
Statistische gegevens
De kern Roden telt een kleine 16.000 inwoners, inclusief het met Roden vergroeide Nieuw-Roden bijna 17.000 inwoners.
Geschiedenis
De geschiedenis van Roden gaat terug tot de Middeleeuwen en loopt grotendeels parallel met die van de meeste Drentse esdorpen. Dit is in het landschap nog het beste zichtbaar aan de zuidkant, waar de essen tussen de beekdalen liggen en waar nog een heel klein stukje van het oude heideveld bewaard is gebleven. Door toenemende boskap werd langzaam meer bouwland in gebruik genomen. Roden lag precies op de overgang van zandgronden en veengebieden, met hier en daar potklei. Reeds in de 12e eeuw werd vanuit het moederdorp een randveenontginning gesticht, het huidige Roderwolde. In de loop der eeuwen werden meer dochternederzettingen opgericht, zowel aan de rand van het veen als op het zand. Echt belangrijk werd de plaats niet, nu de ligging pas later in strategisch belang iets toenam. Belangrijk voor de ontwikkeling was de plaatselijke Havezate Mensinge en in 1550 verzocht de toenmalige bewoner, Johan van Ewsum, de landsregering om van de kerspelen (parochies) Roden, Roderwolde en Norg een eigen ‘heerlijkheid’ te maken, dat wil zeggen een gebied waar een bepaald persoon (hij zelf) namens de centrale overheid het gezag eigenhandig kon uitoefenen. Dit verzoek werd echter afgewezen.
Roden ontwikkelde zich met name op agrarisch gebied, waarbij de hopteelt steeds belangrijker werd, met name tussen 1600 en 1850. Op het hoogtepunt waren er maar liefst 23.448 zogenoemde hoppekuilen, na Peize het meeste in heel Drenthe. Afnemers waren met name bierbrouwerijen in de Stad Groningen. Later nam deze vorm van inkomsten af en moesten er andere mogelijkheden gezocht worden. Dit werd met name gevonden in het vanaf 1900 grootschalig ontginnen van de uitgestrekte heidevelden ten zuiden en westen van het dorp, respectievelijk het Steenberger- en Roderveld. Tot die tijd was het land grotendeels nog gemeenschappelijk bezit van alle boeren, verenigd in de zogeheten ‘marke’. De landerijen werden bij ‘lotting’ (loting) verdeeld. De huidige Roder nieuwbouwwijk Vijfde Verloting is hier naar vernoemd, nu dit het 5e stuk land was. Roden nam mede hierdoor in omvang toe en er ontstond naast veeteelt en vrij bloeiende pluimveehouderijen enige agrarische industrie. Hierbij was van belang de scheepvaartverbinding over de Rodervaart en via het Leekstermeer naar Groningen. Meer ontwikkeling bracht vanaf 1913 de aanleg van een spoorlijn tussen Drachten en Groningen door Roden; na 1948 was deze slechts in gebruik voor het vervoer van goederen, totdat de verbinding begin jaren tachtig werd opgeheven. Vlak na de oorlog was Roden weliswaar net iets groter dan de andere plaatsen in Noord-Drenthe, maar meer dan een dorp met ruim 2.000 inwoners was het niet.
Hier kwam in 1959 verandering in, toen de plaats aangewezen werd als industriekern. De gunstige ligging in een groen gebied niet ver van Groningen, versterkt door een ondernemend gemeentebestuur trok zeer diverse bedrijvigheid aan. Daarnaast vestigden zich er bijvoorbeeld de universitaire sterrenwacht en gaandeweg steeds meer forenzen uit Groningen. Het inwonertal nam gestaag toe en gebruikmakend van de beschikbare ruimte werden zorgvuldig in het landschap groene, ruim opgezette woonwijken aangelegd, terwijl de industrie zich concentreerde op aanvankelijk een groot bedrijventerrein aan de oostkant van de plaats. Tot op heden is alle industrie hier geclusterd en niet verspreid over de plaats, zoals dikwijls elders.
Recente ontwikkelingen
De ontwikkeling zoals geschetst bij Geschiedenis, volgde aanvankelijk duidelijk de ring rondom Roden die gevormd wordt door de Ceintuurbaan. Vanaf de jaren zeventig is de uitbreiding met name voortgezet in westelijke richting en is het vergroeid met Nieuw-Roden. Inmiddels is er met een rondweg een soort nieuwe ring gecreëerd voor de afhandeling van het doorgaande verkeer en ter ontlasting van het centrum. De groei veranderde Roden van een authentiek dorp in een verstedelijkte plaats en veel oude gebouwen zijn hierbij afgebroken en vervangen door een modern winkelcentrum. Wat gebleven is, is de historische structuur van wegen, bebouwing en met name de oude Brink. In een gezonde ‘concurrentiestrijd’ met het nabijgelegen Groninger Leek is Roden met name de laatste twee decennia uitgegroeid tot een regionaal verzorgingscentrum voor Noordenveld in Drenthe, een deel van het Groninger Westerkwartier en een klein stukje Friesland. Vrijwel alles is voorhanden, eventueel liggen Groningen en Assen nabij.
Wat volgens velen ook gebleven is in Roden, is de traditionele gezelligheid, wat onderstreept wordt door de vele jaarlijkse activiteiten. Landelijke bekendheid kreeg de plaats door tv-spotjes van de plaatselijke Kampeerhal De Vrijbuiter, die jaarlijks ruim 1,5 miljoen bezoekers trekt, lang niet allemaal uit Nederland. In het kader van de ontwikkeling van het Nationaal Stedelijk Netwerk Groningen-Assen, waarin Roden is gelegen, staat voor de komende jaren een forse uitbreiding van het woningaantal gepland; deze moet grotendeels plaatsvinden door samenwerking en afstemming met Leek.
Jaarlijkse evenementen
- Evenementenkalender van de Vereniging voor Volksvermaken Roden.
- De Culturele Kring Roden organiseert o.a. evenementen op het gebied van literatuur, muziek
en theater en beeldende kunst.
- Ot en Sienloop (juni).
- Run van Roden (juni).
- Midzomerfestival (juni).
- Jaarbeurs van het Noorden (september).
Links
- Historische Vereniging Roon.
- Buurtvereniging Het Binnenhof.
- Begravenen in Roden.
- IVN Roden.
- Intergemeentelijke Structuurvisie (IGS) Leek - Roden.
De informatie over de kern Roden is samengesteld door en © geograaf mr. drs. Robert H.C. Kemkers te Nietap.

![DR gemeente Roden in ca. 1870 kaart J. Kuijper [1024x768].gif DR gemeente Roden in ca. 1870 kaart J. Kuijper [1024x768].gif](http://www.plaatsengids.nl/files/DR gemeente Roden in ca. 1870 kaart J. Kuijper [1024x768].gif)
Kenmerken (classificatie)
Kenmerken (numeriek)
Als zelfstandige gemeente kende Roden sinds 31 oktober 1929 een eigen gemeentewapen. Na het opgaan in de nieuwe Gemeente Noordenveld is dit wapen blijven bestaan als wapen voor het dorp Roden (en de omliggende buurtschappen). Centraal staan vijf in losse grond geplaatste dennen, die verwijzen naar het bos en de vermoedelijke herkomst van de plaatsnaam, het ‘rooien’ van bomen. Dit verklaart ook de gouden bijl en spade. Linksboven is het wapen afgebeeld van de familie Van Ewsum, lange tijd de bewoners van en tevens bouwers van de huidige Havezate Mensinge te Roden; in hun familiewapen is ook het wapen van het geslacht Tamminga, waarmee zij verwant waren, te herkennen.
Roden is een industriële groeikern en een regionale verzorgingskern. Het is de hoofdplaats van de gemeente Noordenveld (t/m 1997 gemeente Roden) en 5e grootste plaats van Drenthe. Roden was van oorsprong helemaal niet zo groot en van de 1.889 inwoners die de Gemeente Roden in 1840 telde, woonden er 863 in het hoofddorp, verdeeld over slechts 311 woningen. Met name na de Tweede Wereldoorlog groeide de plaats fors, deels door suburbanisatie, doch voor het merendeel door de aanwijzing als industriekern in 1959. In rap tempo werden zeer ruime en vooral groene woonwijken uit de grond gestampt, waarbij aanvankelijk een soort ringstructuur werd aangehouden. In navolging van diverse ‘parksteden’, zou Roden zeer wel aangeuid kunnen worden als ‘plantsoenplaats’. Tussen 1960 en begin jaren tachtig verdubbelde het bevolkingsaantal van de gemeente, terwijl de kern Roden haar inwonertal van ca. 2.700 in 1959 in vier decennia zag verzesvoudigen. Hierbij zijn de buurtschappen De Zulthe, De Hullen, Rodervaart (deels) en het dorp Nieuw-Roden volledig opgeslokt; de noordelijke rondweg en de laatste bedrijventerreinen reiken tot aan de rand van Leutingewolde en Foxwolde, terwijl de afstand tussen de beide kommen van Roden en Peize nog maar anderhalve kilometer bedraagt.
Bij het opheffen van de Gemeente Roden eind 1997 telde deze een kleine 19.000 inwoners, op een oppervlakte van 6.469 ha. In 2004 telde wat volgens de postcode Roden is 15.556 inwoners; samen met Nieuw-Roden, waarmee het volledig vergroeid is, telde Roden net geen 17.000 inwoners, in ruim 7.000 woningen.
