Klappenberg

Plaats
Buurtschap
Etten-Leur
West-Brabant Baronie en Markiezaat
Noord-Brabant

Klappenberg

Terug naar boven

Status

- Klappenberg is een buurtschap in de provincie Noord-Brabant, in de regio West-Brabant, en daarbinnen in de streek Baronie en Markiezaat, gemeente Etten-Leur. De buurtschap is  verdeeld in de Hoge Klappenberg en de Lage Klappenberg (vroeger ook Nederste Klappenberg genoemd).

- De buurtschap Klappenberg valt, ook voor de postadressen, onder het dorp Etten-Leur.

Terug naar boven

Naam

Oudere vermeldingen
Klippenburg, 1464 Clippenberch, 1497 op Clappenberg.

Naamsverklaring
- “Clip kan voor zandhoogte staan en ook een berch staat in de Baronie voor grofzandige hoogte. De Klappenberg ligt 9 à 10 meter boven NAP en steekt uit boven het omringende gebied. Linders vermoedt in Clip het woord clippel, dat knuppel betekent, en wijst op de aanwezigheid van bos” (7).

- Frank Hulst van het streekarchief stelt: “Een klap was een hek. Een hek aan het einde van de gemeenschappelijke (weide)grond. Het zou ook een verbastering van ‘klip’ kunnen zijn. Een klip was een verhoging in het land. De Klappenberg ligt hoger dan de omgeving” (310).

- Chr. Buiks werpt in (89) nog een ander element in de strijd: “Of de Clappenberg onder Etten genoemd is naar de klap die de melaatsen bij zich droegen, is niet duidelijk. De oudste vorm van deze naam is Clippenberch, hetgeen meer in de richting van klip ‘steile heuvel’ lijkt te wijzen. Men kan ook denken aan klap in de zin van dichtvallend hek en dat is waarschijnlijker dan uit te gaan van klâ ‘klein’.”

Terug naar boven

Ligging

De buurtschap ligt ZO van Etten-Leur, rond de wegen Klappenberg, Hoge Klappenberg en Lage Klappenberg.

Terug naar boven

Statistische gegevens

In 1840 omvat de buurtschap Klappenberg 24 huizen (bewoond door 28 gezinnen) met 164 inwoners. Tegenwoordig heeft de buurtschap ca. 30 huizen met ca. 75 inwoners.

Terug naar boven

Geschiedenis

- De waterplas aan de Zundertseweg was ooit een ‘brandkuil’, waaruit de brandweer vroeger het bluswater haalde.

Eerste gemotoriseerde vliegtuigopstijging in Nederland
Op 27 juni 1909 maakte graaf Charles De Lambert (1865-1944) met een Wright Flyer de eerste vlucht met een gemotoriseerd vliegtuig boven Nederland. Deze vlucht werd mogelijk gemaakt en georganiseerd door S.C.J. Heerma van Voss*1 (1841-1934) uit Leur. Het toestel was ontworpen door de Amerikaanse broeders Wright*2.

*1 Zie ook bij de buurtschap Zwartenberg.
*2 Wilbur, 1867-1912 en Orville, 1871-1948.

Aanleiding voor deze gebeurtenis was het 40-jarig bestaan van de suikerfabriek van Heerma van Voss te Zwartenberg. Heerma van Voss wilde de bevolking van Etten en Leur ‘iets bijzonders’ bieden. Zijn twee zoons stelden een wielerwedstrijd met hoge geldprijzen voor, maar dat vond de industrieel niet bijzonder genoeg. Na enkele zenuwslopende vergeefse pogingen van Heerma van Voss om vliegers te contracteren, lukt het om op 27 juni 1909 De Lambert naar Nederland te halen. En daarmee heeft de nietige buurtschap Klappenberg voor eeuwig een plekje in de Nederlandse geschiedenis verworven…

De gebeurtenis maakte uiteraard diepe indruk op de omstanders. “Het was een prachtig schouwspel, doch het meeste pakte mij het meesterschap van den aviateur over zijn toestel. Wanneer het waar is, wat een Italiaansche luchtschipper beweert, dat men vliegen met een machine zwaarder dan de lucht, niet kan leeren zonder een zesde zintuig, dan schijnt Graaf de Lambert dat vogelenzintuig te bezitten, want de zekerheid en de kalmte, waarmede deze aviateur zijn aeroplane bestuurde, was natuur geworden. Met een grooten boog keerde de ‘rara-avis’ weer terug”, zo schreef onder meer een journalist die het schouwspel had meegemaakt.

In 1999 is een standaardwerk verschenen ter gelegenheid van het 90-jarig jubileum van de opstijging van het eerste gemotoriseerde vliegtuig in Nederland op de Klappenberg, getiteld ‘Een immense vogel gelijk’. Het is tevens het eerste boek dat over deze historische gebeurtenis is verschenen. Het boek beschrijft onder meer uitvoerig de eerste mislukte pogingen om vliegers naar Nederland te halen, wanneer de opstijging uiteindelijk gebeurde, waar het gebeurde, wie de organisator was, hoe hij aan zoveel geld kwam om het te financieren, welke problemen hij moest overwinnen, wie de vliegenier was, hoe het vliegtuig eruitzag, hoe ‘de grote dag’ verliep en wie er allemaal bij betrokken waren. Verder beschrijft het de opkomst van de luchtvaart tot 1909 in het algemeen en de ontstaansgeschiedenis van het Aviodome en van het Vliegend Museum Seppe. Uitg. Geromy, Maarssen, in samenwerking met de Stichting Adriaan van Bergen en de Stichting Vriendenkring Aviodome. Dit werk, met een omvang van 142 pagina’s, verluchtigd met vele afbeeldingen, kost slechts circa €10,00 en is verkrijgbaar bij Vliegend Museum Seppe in Bosschenhoofd.

Terug naar boven

Recente ontwikkelingen

- Het echtpaar Simon (1902) en Janske (1907) Raats heeft in 2000 hun 75-jarig huwelijk gevierd. Het paar, dat sinds 1930 tientallen jaren aan de Klappenberg heeft geboerd, verkeerde zeker gezien hun leeftijd in 2000 nog in redelijk goede gezondheid. Simon onthulde dat zijn geheim om gezond oud te worden zat in de pet die hij dag en nacht droeg: “Ik heb geen dokter nodig. Mijn medicijn is driedelig: een doordeweekse en een zondagse pet en ’s nachts mijn slaapmuts.” (956)

Terug naar boven

Bezienswaardigheden

- Monument aan de Rijsbergseweg ter herdenking van de eerste gemotoriseerde vliegtuigopstijging in Nederland (voor toelichting zie bij Geschiedenis).

- “Aan de Klappenberg staat de enige echt mooie boerderij van dit stukje buitengebied. Het pand is in 1998 100 jaar geworden, maar de waanzinnig dikke beuk die ernaast staat, moet Napoleon nog langs hebben zien komen. De meeste boeren wonen hier in burgermansbungalows of ruilverkavelingsvilla’s. Smakeloze vertoningen van hedendaagse boerenbouwkunst die in een snel te vergeten nieuwbouwwijk thuishoren. Soms zijn alle kozijnen, voordeuren en dakoverstekken van plastic. Lekker makkelijk.

Vroeger werden stukjes elzenbos gespaard om als hakhout te dienen of landerijtjes van elkaar te scheiden. Veel van die elzenhoutwalletjes staan er nog. Zij worden volop bezocht door zangvogeltjes. Aan de Lage Klappenberg wipt een roodborstje steeds een paar meter voor mij uit. Er zitten ook vinken en pimpelmezen in die bosjes. Aan de Olieakkers zie ik voor het eerst van mijn leven een putter een elzenprop leegsnoepen. En dat is precies de reden waarom elzenbosjes moeten blijven bestaan.” (736)

Reactie toevoegen