Oldambt

Streek
Oldambt
Groningen

oldambt_kaart_1791_kopie.jpg

Kaart van het Oldambt anno 1791

Kaart van het Oldambt anno 1791

Oldambt

Terug naar boven

Status

- Het Oldambt is een streek in de provincie Groningen.

- De streek omvat de huidige gemeente Oldambt, het zuidoostelijke deel van de gemeente Delfzijl, een deel van de gemeente Menterwolde en een deel van de gemeente Bellingwedde. Oorspronkelijk werd ook het grondgebied van de gemeenten Veendam en Pekela tot het Oldambt gerekend, maar tegenwoordig wordt dit gebied onder de (in de 17e eeuw ontstane) Veenkoloniën gerekend. Tegenwoordig wordt ook het tot Nederland behorende deel van Reiderland (met uitzondering van de Punt van Reide) tot het Oldambt gerekend.

- De streek Oldambt omvat de kernen Bad Nieuweschans, Beerta, Bellingwolde, Blauwestad, Blijham, Borgsweer, Drieborg, Finsterwolde, Heiligerlee, Meeden, Midwolda, Muntendam, Nieuw Beerta, Nieuw Scheemda, Nieuwolda, Noordbroek, Oostwold, Oudeschans, Rhederbrug, Rhederveld, Scheemda, Termunten, Termunterzijl, ’t Waar, Wagenborgen, Westerlee, Winschoten, Woldendorp en Zuidbroek (bron: Otto S. Knottnerus in het aan het eind van het hoofdstuk Geschiedenis, vóór de links-lijst, gelinkte artikel).

- De streek kan worden verdeeld in de sub-streken Klei-Oldambt en Wold-Oldambt.

Terug naar boven

Naam

Naamsverklaring
"De naam Oldambt (‘het oude ambacht’) geeft vermoedelijk aan dat dit district is afgesplitst van Fivelingo, waartoe het ook kerkelijk behoorde (het decanaat Farmsum). De streek rond Termunten werd Menterne genoemd (naar het riviertje Munter Ae of Mente); het ontgonnen veengebied heette Menterwolde of Wold-Oldambt. De term ­-wold duidt op de moerasbossen waarmee de beekdalen en de veenrand begroeid waren, net als de uitgang -broek in de plaatsnamen Noord- en Zuidbroek. Het wierdedorp Woldendorp ontleent zijn naam dus aan de ligging aan de rand van het veenmoeras." (bron: Otto S. Knottnerus)

Terug naar boven

Ligging

Het Oldambt ligt in Oost-Groningen, tussen de oude Ommelanden en Westerwolde.

Terug naar boven

Geschiedenis

In de loop van de 18e en 19e eeuw breidt het akkerland in het Oldambt zich steeds verder uit ten koste van het grasland, zodat men deze regio gaat typeren als ‘de graanschuur van de provincie’. Kleine veeboerderijen maken plaats voor grote akkerbouwbedrijven, die zich toeleggen op de teelt van zomergranen, veldbonen en koolzaad, afgewisseld met tijdelijk grasland en rode klaver. De herenboeren zijn doorgaans eigenaar van hun bedrijf. De hoge prijzen voor landbouwproducten brengt ze welvaart, die zich vertaalt naar grote boerderijen met fraaie voorhuizen en tuinen in Engelse landschapsstijl.

Op de zand- en dalgronden waren ook kleinere boerenbedrijven te vinden. Hier werden vooral rogge en aardappelen verbouwd. De vruchtbaarheid van deze arme gronden wordt vergroot door de aanvoer van Dollardslib, woelklei en dijkaarde. Door het afgraven en egaliseren verandert het dijkenlandschap geleidelijk in open polderland. Alleen de slaperdijken blijven intact. Dankzij de opkomst van de landbouwindustrie na 1880 kunnen de stagnerende landbouwprijzen worden opgevangen.

Om het laaggelegen gebied beter te kunnen ontwateren, worden vanaf eind 18e eeuw ca. 75 poldermolens gebouwd, die later door stoom- en motorgemalen worden vervangen. Drie poldermolens rond Nieuw-Scheemda zijn bewaard gebleven. Het enige resterende stoomgemaal ligt ten noorden van Winschoten en is gebouwd in 1876. Tegenwoordig is het een museum.

In de landbouw zijn aanvankelijk veel arbeidskrachten nodig. Daardoor groeit de bevolking en worden de dorpen in het Oldambt verder uitgebouwd. In het achterland ontstaan nieuwe woonbuurten langs doorgaande wegen, aan doodlopende zijstraten (lanen) of verspreid op het veen, zoals Muntendam, Stootshorn, Boven en Beneden Veensloot, Napels, Scheemdermeer, Niesoord, Kromme Elleboog, Meerland, De Lethe en Rhederbrug. Klein-Ulsda is ontstaan uit een arbeidersbuurt die oorspronkelijk op de dijk langs de Westerwoldse Aa lag. Een groot deel van deze bebouwing is na de Tweede Wereldoorlog gesloopt en vervangen door sociale woningbouwcomplexen in de hoofddorpen.

Boeren en arbeiders vormden voorheen een hechte gemeenschap; de arbeidersgezinnen woonden vaak bij de boer in. Naarmate de boeren rijker worden - dankzij de industriële revolutie en de stijgende marktprijzen boekten ze grote winsten - groeit echter de afstand. De arbeiders worden verbannen naar kleine huisjes op de armere gronden en de boeren laten hun woonhuizen uitbouwen tot de monumentale Oldambster boerderijen, zoals je die her en der in de regio nog ziet staan. De arbeiders werken 's zomers van ochtendstond tot avondrood op het land, vrouwen en kinderen net zo hard als mannen. 's Winters heeft de boer geen werk voor ze en moeten ze maar zien hoe ze aan de kost komen. Ze leven met hun grote gezinnen in kleine huisjes, ver van de statige hoofdweg. Hun armoede is vaak schrijnend. De leefomstandigheden van de landarbeiders blijven sterk achter bij welvaart van de herenboeren. Daardoor ontstaan grimmige sociale tegenstellingen, die zich uiten in de opkomst van socialisme en communisme. Frank Westerman beschrijft in zijn boek De Graanrepubliek de opkomst en ondergang van de 'graanbaronnen' in het Oldambt.

De dorpskernen bestaan grotendeels uit voormalige winkels, herbergen en werkplaatsen, die uit de jaren rond 1900 dateren. De grotere dorpen krijgen tevens een villawijk, grotendeels bewoond door rentenierende boeren. De haventerreinen bieden plaats aan industriemolens en graanpakhuizen. De grotere bedrijven concentreren zich rond Winschoten en Heiligerlee, waar enkele steenfabrieken en een klokkengieterij te vinden waren. De monumentale strokartonfabriek De Toekomst te Scheemda uit 1900 is onlangs gerestaureerd. De haventjes rond de Dollard - met name die van Termunterzijl - worden vanaf 1920 vooral gebruikt voor de garnalenvisserij met motorkotters. De kustvisserij verplaatst zich vanaf 1969 echter naar Lauwersoog.

Na de Tweede Wereldoorlog hebben de mechanisatie en schaalvergroting in de landbouw zich versterkt doorgezet. Het werk van de landarbeiders wordt overbodig; veel jongeren trekken weg, waardoor vergrijzing en krimp in het Oldambt sterker toeslaan dan elders. De kleinere dorpskernen worden flink uitgedund, terwijl de hoofdplaats Winschoten en de grotere dorpen juist groeien. De meeste landarbeiderswoningen maken plaats voor vrijstaande gezinswoningen. Vanaf 1990 verrijzen uitgestrekte nieuwbouwwijken en industrieterreinen, in het bijzonder langs de A7. Na 16 jaar voorbereiding gaat in 2004 het project Blauwestad van start, dat voorziet in de aanleg van een prestigieuze woonwijk met bos- en natuurgebieden rondom een nieuw aan te leggen meer. Dit project is bedoeld als een stimulans voor de leefbaarheid van de streek. De woningverkoop valt echter tegen. Slechts een derde (450) van de geplande woningen wordt gerealiseerd.

Ruilverkavelingen zorgen intussen voor een modern-rationeel verkavelingspatroon. Daarbij gaan veel historische landschapskenmerken verloren, waaronder de slingerende loop van de Westerwoldse Aa. Het wegennet wordt verder uitgebouwd, de waterhuishouding gereorganiseerd en het landschap aangekleed met verspreide bospercelen, bomensingels en groenstroken rond de dorpen. Een aantal boerderijen (met name in Blijham) verhuist naar het buitengebied.

Omdat de natuurlijke afwatering in het Oldambt tekort schiet, komen er drie zeegemalen: De Fiemel (1952) en de gemalen Cremer (1931) en Rozema (2000) te Termunterzijl. Het laatste gemaal dient vooral om de gevolgen van de bodemdaling vanwege de gaswinning tegen te gaan. Natuurgebied Hondshalstermeer (1980) fungeert tevens als boezemgebied zodra men bij langdurig hoogwater niet kan op zee spuien. Langs de Westerwoldse Aa zijn vanaf 2008 noodbergingsgebieden ingericht, die bij extreme regenval de toestroom van water uit het achterland kunnen opvangen.

De graanproductie is nog altijd hét kenmerk van het landschap in het Oldambt. De aanhoudende schaalvergroting in de landbouw oefent toenemende druk uit op de omgeving. De laatste decennia vindt bovendien een verschuiving naar de veeteelt plaats door vestiging van grootschalige melkveebedrijven en varkensmesterijen, vooral uit andere delen van Nederland. Daarnaast is er meer aandacht voor toerisme. De haven van Termunterzijl, sinds 1972 beschermd door een moderne stormvloedkering, dient nu vooral de recreatievaart. Een opvallend voorbeeld is de aanleg van het Oldambtmeer, dat tevens bedoeld is om watersporters aan te trekken. In het kader van de Ecologische Hoofdstructuur wordt een vaarverbinding via het Hondshalstermeer naar het Schildmeer aangelegd. In Nieuweschans is in 1985 kuurbad Fontana geopend, en het dorp wordt in 2009 omgedoopt tot Bad Nieuweschans. (bron en voor uitvoeriger informatie over de streek zie: Geschiedenis en ontwikkeling van het Oldambt, van 'in den beginne' tot heden, door Otto S. Knottnerus)

Als je je nader wilt verdiepen in de geschiedenis van (de kernen in) het Oldambt, kun je ook nog terecht bij de volgende instanties en sites:

- Cultuurhistorisch Centrum Oldambt te Winschoten.

- Vele artikelen over de geschiedenis van plaatsen in met name het Oldambt. Onderaan de pagina vind je hoofdstukken per plaats.

- Streekmuseum De Oude Wolden in Bellingwolde.

-Tot 1986 was er ook een Waterschap Oldambt, dat globaal de gelijknamige streek besloeg.

Terug naar boven

Bezienswaardigheden

- In de 19e eeuw schakelen de boeren in het Oldambt (o.a. i.v.m. veeziekten) over van overwegend veeteelt naar overwegend landbouw. Door verbeterde technieken in de loop van de eeuw nemen de opbrengsten van de landbouw fors toe. De 'graanbaronnen' toonden hun rijkdom door zeer grote boerderijen te bouwen met veel pracht en praal. Keerzijde is dat vandaag de dag instandhouding en onderhoud een kostbare aangelegenheid is, en het lastig is om bij bedrijfsbeëindiging een herbestemming te vinden. De komende jaren wordt dan ook een toenemende leegstand van boerderijen in het Oldambt verwacht.

Terug naar boven

Eten en drinken

- Een voor het Oldambt typische groente zijn de Oldambster witten, een witte stokboon, een tot voor kort zeldzame soort, die de afgelopen jaren aan een comeback bezig is.

Terug naar boven

Beeld

- Ca. 40 filmpjes van iemand die op de fiets kernen in het Oldambt e.o. verkent, en dankzij wie je dus nu thuis virtueel kunt 'meefietsen'.

Terug naar boven

Literatuur

- Nieuwe en/of tweedehands boeken over Oldambt (online te bestellen).

Reactie toevoegen