Patrijs

- In juli 2019 is bekend geworden dat het succesvolle Interreg project PARTRIDGE met drie jaar wordt verlengd. Het project waarbij verschillende natuurorganisaties de handen ineen slaan om de patrijs te redden en zo de hele biodiversiteit op het boerenland een boost te geven, maakte de afgelopen jaren een succesvolle start. De verlenging zorgt er voor dat het effect van de toegepaste maatregelen beter gemeten kan worden. Daarnaast wordt het project uitgebreid van 5 naar 7 landen.

De patrijs staat al jaren op de Rode Lijst. In heel West-Europa gaat het slecht met deze ooit zo gewone boerenlandvogel. In Nederland is de populatie sinds de jaren zeventig maar liefst met 95 procent afgenomen. Leefden er in 1975 nog 100.000 patrijzenpaartjes in ons land, vandaag de dag zijn dat er nog maar rond de 5.000. Met het Interreg-project PARTRIDGE willen natuurorganisaties in Engeland, Schotland, Duitsland, België en Nederland laten zien dat er op het moderne platteland nog wel degelijk toekomst is voor de patrijs.

Bloemblokken en keverbanken
Dankzij de Interreg-subsidie (een Europese regeling, waarbinnen partijen uit meerdere landen samenwerken aan projecten op het terrein van ruimtelijke en regionale ontwikkeling) zijn in Engeland, Schotland, Duitsland, Vlaanderen en Nederland 10 voorbeeldgebieden optimaal ingericht voor de patrijs. De Nederlandse voorbeeldgebieden liggen in West-Brabant (Land van Heusden en Altena) en op Schouwen-Duiveland in Zeeland. Zo zijn er bloemblokken en keverbanken aangelegd en farmwalks voor boeren en beleidsmakers georganiseerd, om kennis over te dragen.

Succesvolle start
Het project PARTRIDGE kende sinds de start in november 2016 een vliegende start. Zo zorgt de aanleg van keverbanken voor een bewezen toename van insecten. Dankzij PARTRIDGE hebben patrijzen in de voorbeeldgebieden in Brabant en Zeeland nu meer dekking tegen roofdieren en kou, voeding om de winter door te komen, meer insecten en zaden.

Verlenging
Door de verlenging met drie jaar is er meer tijd om de patrijzen goed te kunnen volgen en te kunnen meten of de maatregelen ook echt tot meer patrijzen hebben geleid. De verlenging biedt de mogelijkheid voor Zweden en Denemarken om aan te sluiten en zo kennis en ervaring over de bescherming van patrijzen uit te wisselen. Deelnemende Nederlandse organisaties zijn Vogelbescherming Nederland, Brabants Landschap, Stichting Landschapsbeheer Zeeland en Het Zeeuwse Landschap. In het project wordt nauw samengewerkt met boeren, collectieven voor agrarisch natuurbeheer, wildbeheereenheden, vogelwerkgroepen en vrijwilligers. (bron: Vogelbescherming Nederland, juli 2019)

Reactie toevoegen