Natuurnetwerk Nederland

ecologische_hoofdstructuur_kaart.jpg

De Ecologische Hoofdstructuur heet sinds 2014 Natuurnetwerk Nederland

De Ecologische Hoofdstructuur heet sinds 2014 Natuurnetwerk Nederland

barrierewerking_lijninfrastructuur_kopie.jpg

De aanleg van zogeheten lijninfrastructuur (wegen, spoorlijnen, waterlopen) doorsnijdt landschappen en natuurgebieden. Gelukkig wordt er tegenwoordig veel aan gedaan om de landschappen weer te verbinden, o.a. d.m.v. het Meerjarenprogramma Ontsnippering.

De aanleg van zogeheten lijninfrastructuur (wegen, spoorlijnen, waterlopen) doorsnijdt landschappen en natuurgebieden. Gelukkig wordt er tegenwoordig veel aan gedaan om de landschappen weer te verbinden, o.a. d.m.v. het Meerjarenprogramma Ontsnippering.

Wat sinds medio 2014 Natuurnetwerk Nederland (NNN) heet, en voorheen sinds medio 2013 Nationaal Natuurnetwerk, is aanvankelijk begonnen als Ecologische Hoofdstrucuur (EHS). De EHS is een concept dat in 1991 door het ministerie van VROM is vastgesteld, en een doorlooptijd heeft tot 2027. Sinds 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de uitvoering van het NNN betrekking hebbend op hun provincie.

Het doel van het NNN is de achteruitgang van het areaal aan natuur en van de biodiversiteit te stoppen door een samenhangend netwerk van natuurgebieden te creëren. Dit wordt gedaan door natuurgebieden te vergroten en met elkaar te verbinden door verwerving, inrichting en beheer van aangrenzende en tussenliggende landbouwgronden.

In het Natuurpact van september 2013 hebben Rijk en provincies hun nieuwe ambities om natuur in Nederland te ontwikkelen en te behouden vastgelegd voor de periode tot en met 2027. De meeste provincies hebben de Ecologische Hoofdstructuur herijkt en de naamgeving is veranderd naar Natuurnetwerk Nederland. Bij deze herijking is de focus verlegd naar de internationale natuurverplichtingen. Zo heeft de provincie Noord-Brabant het netwerk verdeeld in een rijksdeel en een provinciaal deel. Het rijksdeel bestaat uit die gebieden waarvoor het rijk een Europese verantwoordelijkheid draagt (Natura 2000 en Kaderrichtlijn Water, KRW). Door de herijking maken, soms grote, delen van de vroegere EHS geen deel meer uit van het NNN. In de meeste provincies zijn natuurgebieden die buiten het NNN zijn komen te liggen, toegevoegd aan provinciale groene netwerken.

Niet de hele begrensde NNN zal ook natuurgebied worden; een klein deel van het areaal is nog zoekgebied voor nieuwe natuur en een klein deel zal worden gerealiseerd met agrarisch natuurbeheer. Alle provincies hebben het Natuurnetwerk inmiddels planologisch begrensd en opgenomen in omgevingsplannen, omgevingsverordeningen, structuurvisies en ruimtelijke verordeningen. Naast het Natuurnetwerk op het land zijn alle rijkswateren, waaronder Waddenzee, IJsselmeer, Zeeuwse delta en Noordzee aangewezen als onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland.

Als het gereed is, omvat het NNN in totaal ca. 450.000 hectare bestaand natuurgebied, 200.000 hectare (voormalig) agrarisch gebied en 50.000 hectare natuurontwikkelingsgebied (zogeheten "nieuwe natuur"). Totaal dus ca. 700.000 hectare beschermde natuur (exclusief de grote wateren).

- Kamerbrief stand van zaken Natuurnetwerk Nederland anno 2016.

- Vijf organisaties hebben in 2010 gezamenlijk het boek 'Publiek geheim, het succes van de EHS' uitgebracht. Vanwege de grote belangstelling voor de gedrukte versie, is het boek nu ook digitaal beschikbaar. Het boek is uitgegeven door Staatsbosbeheer, De 12 Landschappen, de Federatie Particulier Grondbezit, Nationaal Groenfonds en Natuurmonumenten. Het laat zien dat niet alleen planten en dieren profiteren van de Ecologische Hoofdfstructuur (EHS). Ook mensen genieten van de natuurgebieden, groen in de omgeving heeft een gunstig effect op de gezondheid en horeca en recreatie in het groen verdienen hun geld dankzij de natuur. Het boek 'Publiek geheim, het succes van de EHS' (via de link online te raadplegen) belicht de diverse aspecten van de EHS en toont daarnaast de schoonheid en het succes van een groot aantal natuurgebieden.

- Nadere informatie over het Natuurnetwerk Nederland (NNN) op Wikipedia.

- Nadere informatie over het Natuurnetwerk Nederland (NNN) op Rijksoverheid.nl.

- Nadere informatie over het Natuurnetwerk Nederland (NNN) op de site van Natuurmonumenten.

- Inspirerende site over de wilde natuur in ons land.

- Natuurmonumenten en Google hebben in 2016 19 natuurgebieden aan Google Street View toegevoegd. Vrijwilligers hebben dit vastgelegd met de speciale ‘Trekker’. Deze draagbare camera heeft 15 lenzen, die elke 2 seconden een foto maken. Deze worden samengevoegd tot 360 graden-beelden, waardoor je virtueel door een natuurgebied kunt lopen. De 19 natuurgebieden die nu via Google Street View zijn te verkennen: Schiermonnikoog en Griend (FR); De Onlanden en Dal van de Ruiten Aa (GR); Dwingelderveld (DR); NP Weerribben-Wieden, NP De Sallandse Heuvelrug en Landgoed Eerde (OV); Waterloopbos (FL); Hackfort en NP Veluwezoom (GL); Utrechtse Heuvelrug / Kaapse Bossen en Haarzuilens (UT); ’s-Gravelandse Buitenplaatsen en Fort Waver-Amstel (NH); Tiengemeten (ZH); Oisterwijkse Bossen en Vennen en Kampina (NB); Sint-Pietersberg (LB).

- In de loop der jaren zijn veel natuurgebieden versnipperd geraakt en als het ware 'doorgeknipt' doordat ze worden doorsneden door bijvoorbeeld nieuwe wegen, vaarwegen, spoorlijnen, woningbouw, bedrijventerreinen en landbouwbedrijven. Dieren en planten in deze gebieden kwamen daardoor vast te zitten in een onnatuurlijk klein leefgebied. Als het leefgebied van bepaalde diersoorten te klein wordt, of als ze niet meer van het ene gebied naar het andere gebied kunnen trekken, sterven ze op den duur uit. Of je krijgt inteelt en degeneratie van de soort, wat ook niet goed is voor de kwaliteit van de populatie. En ieder jaar vinden er tientallen aanrijdingen plaats met grotere dieren als reeën en dassen. Daarvan heeft ook het auto- en treinverkeer ook hinder. Tegenwoordig is de inzet om weer zo groot mogelijke aaneengesloten natuurgebieden te creëren, of anders in ieder geval natuurgebieden zoveel mogelijk door 'ecologische verbindingszones' met elkaar te verbinden. Om 'versnipperd' geraakte gebieden weer met elkaar te verbinden, is van 2005 t/m 2018 het Meerjarenprogramma Ontsnippering (MJPO) uitgevoerd.

Het MJPO was een nationaal, gebiedsgericht programma waarbij Rijk, ProRail en provincies, vaak in overleg met gemeenten, waterschappen en natuurbeschermingsorganisaties samenwerken aan het oplossen van knelpunten door het realiseren van ecologische verbindingszones. Ook mensen hebben er voordeel van. De weg en het spoor zijn veiliger geworden en volgende generaties kunnen blijven genieten van de diverse natuur die Nederland rijk is. Het MJPO heeft natuurgebieden in Nederland verbonden door veilige oversteekplekken voor in het wild voorkomende dieren te realiseren rondom bestaande rijksinfrastructuur. Zo kunnen bijvoorbeeld wilde zwijnen, otters, herten, dassen, salamanders, kikkers en zelfs vleermuizen weer veilig oversteken. Deze dieren krijgen zo meer leefruimte, toegang tot voedsel en schuilplaatsen en ze vinden makkelijker een geschikte partner. De kans op faunaslachtoffers door aanrijdingen met weg- en treinverkeer of verdrinking neemt ook af. Rijkswaterstaat en ProRail hebben het MJPO uitgevoerd, in opdracht van de Rijksoverheid en onder regie van de provincies. Het programma heeft daarmee een grote bijdrage geleverd aan het Natuurnetwerk Nederland (NNN).

Het MJPO omvatte 178 beoogd op te lossen knelpunten. In het MJPO-Jaarverslag 2016 is onder meer een overzicht opgenomen van de 8 knelpunten die in 2016 volledig zijn opgelost. In 2017 zijn er weer 7 opgelost, met name in de provincie Groningen en Drenthe. Nog eens 46 knelpunten waren eind 2017 gedeeltelijk verholpen. Hiertoe zijn vele verschillende maatregelen genomen. Het aantal uitgevoerde maatregelen staat anno eind 2017 op 418. In totaal is hiermee 75% van het totale programma uitgevoerd. Het programma liep medio 2018 ten einde. Volgens de programmering is dan maar liefst 94% van de in het programma benoemde faunavoorzieningen gereed. Van de resterende maatregelen (6%) wordt ongeveer de helft na 2018 meegenomen bij de uitvoering van grotere infraprojecten. De andere helft kan om verschillende redenen niet worden gerealiseerd. Voor nadere informatie zie het MPJO-jaarverslag 2017.

"Het is volbracht: het programma is gereed. Feitelijk is het MJPO in september 2018 afgesloten op het Europees congres over Eco­logie en Infrastructuur in het Evoluon in Eindhoven. Ja, we zijn klaar, al is het niet hele­maal af. Met voldoening zie ik dat wat ooit eens in een nota is vastgelegd, 15 jaar later bijna geheel tot uitvoering is gekomen. In heel ons land hebben ProRail en Rijkswaterstaat nu al in totaal 500 maatregelen getroffen om knelpunten in de rijksinfrastructuur met de ecologische hoofdstructuur op te lossen. Het meest in het oog springend zijn natuurlijk de ecoducten. Minder zichtbaar zijn de vele aangebrachte looprichels, duikers en doorgangen onder weg of spoorweg. Voor elk knelpunt is nagegaan welke maatregel voor de doelsoort het meest effectief is. Daarbij is ook gelet op de kosten. Door werk met werk te maken kon, veelal in een gebieds­gerichte aanpak, ook efficiënt met de financiële middelen worden omgegaan. De samenwerking met landeigenaren, beheerders, natuurorganisaties en provincies was daarbij vaak doorslaggevend. En de kennis van onderzoeksbureaus ­ onder meer door het monitoren ­ veelal onontbeerlijk. Niet alleen de uitvoeringsorganisaties van het ministerie hebben veel kennis en ervaring opgedaan met het oplossen van de knelpunten. Ook de bouwwereld heeft zijn inno­vatieve kracht aangewend. Want op de meeste locaties kwam het bij de uitvoering op maatwerk aan.

En terwijl het inwonertal van Nederland tussen 2005 en 2019 toenam met 1 miljoen, het aantal personenauto’s met 2 miljoen steeg, er 250 kilometer hoofdwegennet bijkwam en de verkeersintensiteit er met 20% toenam, zijn de maatregelen op dit net vrijwel ongemerkt uitgevoerd. En ze worden gebruikt door de doelsoorten. De samenwerking en uitwisseling van kennis en ervaring die in het programma is ontstaan blijft behouden. Want in het Evoluon spraken 30 betrokken partijen uit overheid, markt en onderzoek af hiervoor een Community of Prac­tice aan te gaan. Dat is niet alleen voor het uitvoeren van de resterende maatregelen in de komende periode van belang, maar ook voor toekomstige infrastructurele wer­ken waar doorsnijdingen een rol bij spelen. Deze commu­nity kan ook benut worden bij het verder inrichten van het Natuurnetwerk Nederland door de provincies. Ik dank iedereen die zich de afgelopen jaren heeft inge­zet om het programma tot een succes te maken." Aldus Drs. Ruth W.C. Clabbers, Directeur Wegen en Verkeersveiligheid, Directoraat Generaal Mobiliteit, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, in het voorwoord van het Jaarverslag MJPO 2018. Dat was het laatste jaarverslag. Zie voor nadere informatie ook het - via de link ook online te lezen - magazine 'Meer leefruimte voor dieren. Hoe het Meerjarenprogramma Ontsnippering natuurgebieden in Nederland verbindt', en de eindfilm MJPO, die ook in tekst en beeld toelicht wat er in dit programma allemaal is gerealiseerd.

Het MJPO heeft de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) in 2018 gevraagd om onderzoek te doen naar kosten en natuurbaten en naar de mogelijkheden om grip te krijgen op het ecologisch effect dat het MJPO beoogt. Op basis van metingen, modelberekeningen en inschattingen van experts concludeert de RUG dat het oplossen van de knelpunten in het MJPO heeft geleid tot meetbare winst voor de natuur. Effecten op de natuur zijn bekeken voor ecoducten, viaducten, grote faunatunnels, kleine faunatunnels en overige maatregelen. Uit het zogeheten natuurpuntensysteem blijkt dat de knelpunten gelegen in grote natuurgebieden die worden opgelost met grote maatregelen zoals ecoducten, de grootste natuurwinst opleveren. De onderzoekers concluderen verder dat het MJPO van betekenis is geweest voor de beleving van de natuur. Rond het overgrote deel (70%) van de knelpunten waar ecoducten zijn aangelegd, is hooggewaardeerde natuur versterkt. Voor nadere informatie zie het rapport 'Analyse van kosten en baten van het Meerjarenprogramma Ontsnippering (MJPO)' (2018).