Natuurinclusieve landbouw / landbouwinclusieve natuur

Landbouw is verreweg de belangrijkste uitvinding van de mensheid. Zonder deze uitvinding had de menselijke beschaving zich nimmer kunnen ontwikkelen tot wat hij nu is. De laatste decennia legt de intensivering van de landbouw echter steeds groter beslag op biodiversiteit en milieu. Met natuurinclusieve landbouw kunnen de kwaliteiten van natuur worden ingezet voor de voedselproductie, en andersom.

- "De petitie van het Wereld Natuur Fonds (WNF) voor een gezond boerenland met ruimte voor weidevogels, bloemen, bijen en alle andere natuur is meer dan 31.000 keer getekend! Op 14 mei 2019 hebben wij in Den Haag de handtekeningen overhandigd aan de Tweede Kamer. We hopen zo dat er gehoor wordt gegeven aan onze dringende oproep om natuurvriendelijke landbouw te stimuleren en te belonen om zodoende de biodiversiteit in Nederland te helpen herstellen. De politieke partijen in de Kamer hebben veel invloed op de toekomst van de landbouw in Nederland; zij kunnen besluiten nemen over beleid en wet- en regelgeving waardoor boeren ook echt natuurvriendelijk kunnen gaan werken. En dát wil een groot deel van de boeren ook! Maar dan moet de politiek dat wel mogelijk maken, dus wij vragen het volgende aan de Tweede Kamerleden: schrap wetten en regels die natuurvriendelijke landbouw in de weg staan; zet de Europese landbouwsubsidie van ca 700 miljoen per jaar in voor boeren die deze omslag maken en meetbare resultaten boeken voor natuur, landschap, bodem, water en klimaat; steun de concrete oplossingen en aanbevelingen voor herstel van de biodiversiteit in Nederland uit het Deltaplan Biodiversiteitsherstel. Dit plan is opgesteld door 19 Nederlandse partijen, waaronder WWF, boerenorganisaties, de Rabobank, zuivelondernemingen en het Centraal Bureau Levensmiddelen.

Op 14 mei 2019 zijn de ruim 31.000 handtekeningen overhandigd aan de Tweede Kamer leden die onderdeel uitmaken van de Vaste Kamer Commissie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Dit is hét moment voor de Tweede Kamer om te luisteren naar de maatschappelijke organisaties en burgers die duurzame landbouw willen. Op 15 mei was er een gesprek tussen de Tweede Kamer en minister Schouten van LNV over hoe Nederland het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid vanaf 2022 wil invullen. De komende maanden worden daar beslissingen over genomen. Jouw handtekening zet extra druk om het belang van herstel van biodiversiteit mee te nemen in deze beslissingen en helpt onze verdere lobby in Den Haag om de natuur in Nederland te herstellen!

Waarom was het ook alweer belangrijk om deze petitie te tekenen? De manier waarop we in Nederland voedsel produceren is nog te vaak niet duurzaam en put de Nederlandse bodem uit. Zo is de biodiversiteit in ons boerenland met 40% afgenomen. Dit moet en kan anders! Steeds meer boeren willen een bijdrage leveren aan de oplossing, maar zitten knel in een systeem waarin hun inspanningen voor natuur niet worden beloond. Er ligt een plan klaar: samen met bedrijven, overheid en boeren en jou als consument kunnen we de landbouw natuurvriendelijker maken. Minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedsel, wil graag bijdragen aan de oplossing. Net zoals steeds meer boeren.

5 ideeën voor wat jij hier als consument zelf aa kunt doen: 1. Eet plantaardig. Kies vaker voor groente, peulvruchten, bonen en granen. En eet minder vlees en zuivel. Dan is er minder landbouwgrond nodig. 2. Voorkom voedselverspilling. Door bewust boodschappen te doen voorkom je dat je eten moet weggooien. 3. Koop Nederlandse groente en fruit van het seizoen. En geen groente die wordt gekweekt in energieverslindende kassen. 4. Kies voor duurzaamheidskeurmerken. Kies bij voor producten met het MSC- of ASC-logo. 5. Ga voor biologisch voedsel. De productie daarvan is een stuk minder belastend voor onze leefomgeving." (bron: WNF, juni 2019)

Kennismatrix helpt natuurinclusieve landbouw

"In opdracht van de provincie Noord-Brabant heeft CLM Onderzoek en Advies in 2019 een Kennismatrix Natuurinclusieve Landbouw ontwikkeld. De matrix bevat tal van maatregelen en heeft als doel bedrijfscoaches handvatten te bieden om zo agrariërs te kunnen adviseren op weg naar een natuurinclusieve landbouwpraktijk. De matrix bevat de thema’s bodem, water, landschap en biodiversiteit. De matrix is opgedeeld in verschillende lagen. In laag 1 vindt men de onderwerpen/doelen (27) van de verschillende thema’s. In laag 2 staan de concrete maatregelen (76) behorend bij de onderwerpen/doelen in laag 1 en worden de maatregelen gewaardeerd op effectiviteit. In laag 3 worden deze maatregelen verder uitgewerkt. Ook zijn hier links naar externe bronnen met verdere informatie. Tenslotte zijn de verschillende lagen aan elkaar gekoppeld, zodat je kunt doorklikken, wat de gebruiksvriendelijkheid bevordert.

Typische maatregelen zijn bijvoorbeeld rond de thema’s bodem: bodemverdichting tegengaan; waterkwaliteit: mestkwaliteit- en toediening verbeteren; landschap: bevorderen diversiteit grasland - kruidenrijk grasland; en biodiversiteit: bevorderen natuur op het erf. De provincie Noord-Brabant ondersteunt bedrijven die ‘om willen schakelen’ naar een meer natuurinclusieve landbouw. Bedrijven die hierin zijn geïnteresseerd krijgen de hulp van een ondernemerscoach. Voor het maken van een businessplan voor een meer natuurinclusieve bedrijfsvoering kunnen zij subsidie krijgen. De matrix kan hen helpen om keuzes te maken uit de verschillende mogelijkheden. De kennismatrix is niet uitsluitend nuttig voor ondernemerscoaches, maar kan voor iedere ondernemer een nuttige bron van informatie zijn." (bron: CLM Onderzoek en Advies, juni 2019)

Kruidenrijk grasland

Natuurinclusief boeren wordt de nieuwe standaard voor met name melkveebedrijven, verwacht WUR-onderzoeker Rob Geerts. “Agrariërs moeten zich bewust worden van de voordelen die biodiversiteit kan bieden, zoals kruidenrijk grasland. Het is positief voor onder meer diergezondheid, bodem en imago. Omdat de overheid, maar ook de zuivelverwerkers in duurzaamheidsprogramma’s steeds meer waarde hechten aan biodiversiteit, zal het voor melkveehouders steeds aantrekkelijker worden een paar hectare in te zaaien met kruidenrijke weidemengsels.”

Extra steun door kruidenrijk grasland
In 2021 komt er een ‘nieuw’ Gemeenschappelijk Landbouw Beleid waar volgens Geerts meer focus zal liggen op biodiversiteit en kringlooplandbouw. Melkveehouders voldoen nu met blijvend grasland aan hun ‘vergroeningsverplichting’. Straks zullen boeren voor extra financiële steun kiezen uit een pakket van maatregelen (ecoregelingen), bijvoorbeeld kruidenrijk grasland of eiwitrijk veevoer van eigen land. Extra inkomsten vanwege onder meer kruidenrijk grasland krijgen agrariërs ook bij keurmerken On The Way To Planet Proof of Beter Leven Zuivel. “Het wordt dus aantrekkelijker om te werken aan een diverser grasland.”

Kruidenmengsels voor verschillende doeleinden
Geerts merkt dat melkveehouders zoekende zijn op welke manier ze kruidenrijk grasland moeten toepassen op hun bedrijf. “Het hoeft echt niet het hele areaal te zijn, 2 à 3 hectare per melkveebedrijf is al mooi. En dat kan ook in de vorm van kruidenrijke randen zijn. Je hebt diverse varianten, ieder geschikt voor een ander doeleinde. Combineren is ook mogelijk. Op de demovelden van WUR-KTC (Knowledge Transfer Centre) De Marke in Dunsborg bij Hengelo (GL) zijn verschillende mengsels te zien. Bijvoorbeeld een kruidenrijk mengsel dat een deel van het ruwvoerrantsoen van koeien kan vervangen. Of een mengsel dat insecten aantrekt en die op natuurlijke wijze meehelpen aan bestrijding van plaaginsecten, waarmee een boer bespaart op gewasbeschermingsmiddelen. “Mijn doel is melkveehouders overtuigen van de meerwaarde van kruidenrijk gras.” Rob Geert is behalve onderzoeker multifunctioneel landgebruik aan Wageningen University & Research ook verbonden aan het collectief Vereniging Agrarisch Landschap Achterhoek (VALA). In die rol promoot hij het toepassen van kruidenrijk grasland en geeft hierover cursussen aan agrariërs. (bron: Wageningen Livestock Research, juni 2019)

- Veldonderzoek door de universiteit van Wageningen (WUR) in 2019 laat zien dat de doorontwikkelde grassoort ripgras niet alleen eiwitrijk is - en dus goed voor de landbouwproductie - maar ook de biodiversiteit bevordert. Ripgras is rijkbloeiend, trekt insecten aan en neemt veel CO2 op. Bovendien houdt het makkelijk water vast, wat goed is in perioden van droogte. Om die redenen hebben Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant besloten deze grassoort aan te wijzen als een extra natuurdoeltype binnen de subsidieregeling voor het Natuurnetwerk Brabant.

- Om boeren te kunnen helpen natuurinclusiever te gaan boeren, is het nodig om te begrijpen wat een rol speelt bij hun keuzes. De in 2018 verschenen brochure 'Boeren in Beweging' geeft tips. Onderzoekers van Wageningen Research gingen in gesprek met melkveehouders in Eemland en akkerbouwers in Flevoland. Bij afwegingen over natuurinclusieve landbouw spelen veel dingen mee. Het boerenbedrijf is complex, en geen boer is hetzelfde. Motivatie is het allerbelangrijkste. Maar als een boer natuurinclusiever wil worden, wil dat nog niet zeggen dat hij of zij verwacht dat ook te kunnen. Bedrijfseconomische overwegingen en onzekerheden over risico’s spelen een rol, met name op de langere termijn. Boeren hebben een bepaald bedrijfssysteem opgebouwd waarin natuurinclusieve maatregelen tot op zekere hoogte zijn in te passen. Maar op een gegeven moment past het niet meer: dan is het nodig om het bedrijfssysteem aan te passen. Huidige subsidieregelingen voor agrarisch natuurbeheer zijn daar niet op berekend.

Het willen en het kunnen van boeren worden beïnvloed door de omgeving: door het beroep dat op hen wordt gedaan in de vorm van marktvraag, publieke opinie, advies, regels of subsidie, en door de ruimte die hen gegund wordt binnen de regelgeving en de culturele normen van de boerengemeenschap. Voor een serieuze beweging richting natuurinclusieve landbouw zijn de boeren het erover eens dat er geld bij moet. Liever nog dan een subsidieregeling voor natuurinclusieve landbouw zien ze een waardering via de marktprijs. Ook los van geld vragen ze erkenning en waardering voor hun inspanningen voor de natuur. Daarnaast zou het de boeren helpen als goedkope grond beschikbaar komt: hoge grondkosten dwingen hen om hoge producties na te streven. Het onderzoek levert veel aanknopingspunten op voor boerenorganisaties, erfbetreders, ketenpartijen, banken, maatschappelijke organisaties, overheden en terreinbeherende organisaties om boeren te stimuleren om natuurinclusieve keuzes te maken. Voor een transitie richting natuurinclusieve landbouw is het niet alleen nodig dat boeren gaan bewegen, maar ook hun omgeving.

- Natuurinclusieve landbouw moet een integraal onderdeel worden van het groene onderwijs. Dat is het doel van de Green Deal natuurinclusieve landbouw die in september of oktober 2018 ondertekend door de overheid, de groene hbo scholen en het mbo-groen. Met de Wageningen Universiteit worden nog gesprekken gevoerd om aan te sluiten. Er is een transitie nodig om de voedselproductie ecologisch en economisch robuust te maken. Daarvoor is het nodig dat agrarische ondernemers in hun bedrijfsvoering rekening gaan houden met de biodiversiteit op en rondom hun bedrijf en deze te benutten. Doel is herstel van de natuurlijke kringloop, rekening houdend met het streekeigen landschap.

Het groene onderwijs speelt een belangrijke rol in de transitie. De agrarische ondernemers en adviseurs van de toekomst moeten leren wat natuurinclusief ondernemen is en waarom dat belangrijk is. Door praktische ervaring op te doen en geïnspireerd te worden door goede voorbeelden, moet natuurinclusief denken onderdeel van hun handelen in de beroepspraktijk worden. De Green Deal richt zich op studenten en docenten in het groen onderwijs, met name mbo en hbo; onderzoekers en lectoren in het groen onderwijs, werkzaam in het hbo (en wo) en ondernemers en erfbetreders in de agrarische sector. Ook voor de huidige generatie agrarische ondernemers worden mogelijkheden voor bijscholing op het gebied van natuurinclusieve landbouw ingericht. Het Kenniscentrum Natuur en Leefomgeving treedt op als coördinerende partij. (bron: GroenPact, 20-6-2018)

- Staatsbosbeheer zet vol in op natuurinclusieve landbouw: In samenwerking met het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) start Staatsbosbeheer in 2018 een groot project met 40 experimenten om boeren te helpen over te schakelen naar een vorm van landbouw die meer biodiversiteit combineert met een rendabele bedrijfsvoering. In juni 2018 is het eerste project gestart bij natuurboerderij Hoeve Stein van de familie De Goeij in het Zuid-Hollandse Oukoop, waar in samenwerking met verschillende partijen al grote stappen zijn gezet.

Veel boeren willen overschakelen naar een meer duurzame, minder intensieve manier van werken. Deze transitie vraagt tijd en inspanning, terwijl er ook brood op de plank moet blijven komen. Staatsbosbeheer wil hier als verpachter van 50.000 hectare grond agrariërs de ruimte geven. Het mes snijdt aan twee kanten: Als een boer overstapt op natuurinclusieve landbouw heeft hij - om rendabel te kunnen opereren - meer grond nodig. Die extra natuurgrond kan hij op verschillende manieren pachten van Staatsbosbeheer. In ruil daarvoor worden met de boer afspraken gemaakt over activiteiten die de natuurinclusieve agrarische bedrijfsvoering ondersteunen en tegelijkertijd de biodiversiteit op al zijn landbouwgrond vergroten. Met als resultaat dat de biodiversiteit op boerengrond in de buurt van natuurgebieden van Staatsbosbeheer toeneemt.

Conny Clazing, programmacoördinator natuurinclusieve landbouw bij Staatsbosbeheer:"De meeste experimenten worden uitgevoerd met veehouderijbedrijven, akkerbouwers of gemengde bedrijven, omdat dat mogelijk perspectief kan bieden aan de Nederlandse landbouwers. Anderzijds willen we ook het experiment aangaan met minder voorkomende en nieuwe bedrijfsvormen. Denk daarbij aan agroforestry, zilte teelt en paludicultuur. De experimenten gaan een schat aan informatie opleveren, omdat de deelnemende bedrijven gevolgd gaan worden door onderzoekers op ecologisch en economisch gebied. Die informatie kunnen andere bedrijven weer gebruiken bij hun doorontwikkeling naar natuurinclusieve landbouw.” Staatsbosbeheer werkt bij de 40 experimenten samen met het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de landbouwsector. Per experiment wordt gekeken welke samenwerking mogelijk is met provincies, waterschappen, de landbouwsector en met andere natuurbeschermingsorganisaties. (bron: Staatsbosbeheer, 7-6-2018)

- Het Louis Bolk Instituut, Wereld Natuur Fonds en Werkgroep Grauwe Kiekendief hebben met hun publicatie in het internationale tijdschrift Agriculture and Food (april 2016) de wetenschappelijke basis gelegd voor wat natuurinclusieve landbouw precies zou moeten inhouden, en geven daarmee inhoud aan een beleidsterm die misschien beter landbouwinclusieve natuur had kunnen heten. Het streven is namelijk om een landbouwsysteem te ontwikkelen waarbij landbouw en natuur weer meer met elkaar in evenwicht worden gebracht en waarbij gebruikt gemaakt wordt van de meerwaarde die de natuur te bieden heeft. Biodiversiteit is een noodzakelijke voorwaarde voor de voedselproductie. Want bodemleven houdt de bodem vruchtbaar, en insecten zorgen voor bestuiving van gewassen. Vanuit de wetenschappelijke kennis resulteert dit in een conceptueel kader met vier samenhangende pijlers voor biodiversiteit voor natuurinclusieve melkveehouderij en akkerbouw.

Door het streven naar maximalisatie van productie in het gangbare landbouwsysteem staat de biodiversiteit sterk onder druk, maar wordt ook de landbouw zelf bedreigd. Die maximalisatie gaat uit van een zo hoog mogelijke gewasproductie per hectare en wordt bereikt door schaalvergroting (grotere percelen, weghalen van landschapselementen), het opschalen van mechanisatie, het gebruik van meststoffen en chemische bestrijdingsmiddelen, en een krappere vruchtwisseling. De boer incasseert als Homo economicus een pover deel van de financiële revenuen en natuur, landschap en milieu krijgen een hele andere rekening gepresenteerd. We zijn in de race naar maximalisatie van productie vergeten hoe het is om gebruik te maken van natuur om landbouw te bedrijven, maar ook om landbouw te gebruiken om meer natuurdoelen te halen. Vaak zou de boer wel anders willen, maar door het economische systeem en door de belangen van de grote partijen die aan de boer verdienen, wordt hij gedwongen tot steeds verdere productieverhoging.

Evenwicht tussen biodiversiteit en landbouw: optimalisatie van productie
In het artikel wordt beschreven hoe een hoogproductief landbouwsysteem ontwikkeld kan worden waarin de diensten die de natuur levert effectief gebruikt en geborgd worden en waarin bedrijven veerkrachtiger zijn tegen schokken, zoals bijvoorbeeld droge of natte periodes als gevolg van klimaatverandering. Bedrijven worden daardoor minder afhankelijk van chemische bestrijdingsmiddelen, kunstmest en andere externe maatregelen om de natuur bij te sturen. Simpel geformuleerd komt het erop neer dat we de bodem weer centraal moeten stellen bij het in balans krijgen van productie en natuur. Het besef dat landbouw leunt op natuurlijke processen, en dat veel plant- en diersoorten afhankelijk zijn van agrarische landschappen, is de sleutel voor natuurinclusieve landbouw. Binnen dit spanningsveld wordt gestreefd naar een optimaal gebruik van agro-biodiversiteit om langetermijnrisico’s te verminderen. Samen met maatschappelijke partijen wordt gezocht naar mogelijkheden om het concept in een aantal regio’s met gangbare landbouw van de grond te krijgen.

De 4 pijlers van biodiversiteit in de landbouw: Pijler 1, functionele agro-biodiversiteit: bodemleven en minerale kringloop, ondersteund door pijler 2, landschappelijke diversiteit en pijler 4, brongebieden en verbindingszones. Wanneer nodig wordt met pijler 3 de biodiversiteit versterkt met gerichte maatregelen voor kwetsbare soorten.

Wensdenken van een handvol optimisten of kansloos? De huidige financiële problemen op veel landbouwbedrijven en het niet halen van natuurdoelen op zowel nationale als internationale schaal hebben meer met elkaar gemeen dan velen zullen vermoeden...