Hoorn (Wedde)

Plaats
Buurtschap
Westerwolde
Westerwolde
Groningen

Hoorn (Wedde)

Terug naar boven

Status

- Hoorn is een buurtschap in de provincie Groningen, in de streek en gemeente Westerwolde. T/m 31-8-1968 gemeente Wedde. Per 1-9-1968 over naar gemeente Bellingwedde, in 2018 over naar gemeente Westerwolde.

- De buurtschap Hoorn valt, ook voor de postadressen, onder het dorp Wedde.

- De buurtschap Hoorn ligt buiten de bebouwde kom en heeft daarom witte plaatsnaamborden.

Terug naar boven

Naam

Oudere vermeldingen
De Hoorn, Den Hoorn, 1840 Hoorn.

Terug naar boven

Ligging

De buurtschap Hoorn ligt NW van Wedde, rond de Driepoldersweg en de Hoornderweg. De buurtschap ligt aan de westrand van de zandrug die door Westerwolde loopt.

Terug naar boven

Statistische gegevens

In 1840 omvat de buurtschap Hoorn 34 huizen met 200 inwoners. Tegenwoordig omvat de buurtschap ca. 20 huizen met ca. 50 inwoners.

Terug naar boven

Geschiedenis

Hoorn was oorspronkelijk een eigen marke die tot het kerspel Wedde behoorde. Tot de marke behoorde een deel van het uitgestrekte veencomplex ten oosten van de Pekel Aa. In de 17e eeuw sloot de marke van Hoorn een overeenkomst met de stad Groningen waarbij de grens tussen de gronden van Hoorn en de veengebieden van de stad langs de Pekel Aa werd vastgelegd. Bij de afgraving van het veen werd in de streek gebruikgemaakt van het zogenaamde Hoornder bestek, de maten die in Hoorn gebruikelijk waren.

- Tragisch verhaal over een echtpaar te Hoorn, wier zoon in 1776 door zijn vrouw is vermoord door gif door zijn eten te doen. Het echtpaar gaat naar de drost om de erfenis op te eisen, maar die valt nogal tegen...

Terug naar boven

Landschap, natuur en recreatie

- De Hoorndermeden is een 110 ha groot natuurgebied in het ZO van buurtschap Hoorn, gelegen in het beekdal van de Westerwoldse Aa. In tegenstelling tot het land in de rest van de gemeente Bellingwedde is hier de grond niet afgegraven of verkaveld, zodat het terrein te midden van het oorspronkelijke gebruikslandschap ligt. De Hoorndermeden is van oudsher een natuurlijk waterbergingsgebied, dat in de loop van de tijd vooral door boeren werd bewoond. Tijdens de herinrichting in 2010/2011 in het kader van de Ecologische Hoofdstructuur is er hard gewerkt om het land zijn oorspronkelijk aanzien zo veel mogelijk terug te geven. De kaden van het riviertje zijn aangepast, zodat het gebied vaker overstroomt. De oevers kregen hun natuurlijke glooiing terug en op verschillende plaatsen zijn bosjes geplant. Ook is er een wandelbrug, een zogeheten 'hoogholtje', over de Aa gelegd om zo nieuwe wandelroutes mogelijk te maken.

Om de natuurontwikkeling verder te bevorderen wordt de Hoorndermeden door Staatsbosbeheer extensief en ecologisch beheerd. Karakteristiek voor het huidige landschap zijn de drassige graslanden aan weerszijden van het riviertje. De akkers vind je op de hoger gelegen essen, de oudere beplanting op de oorspronkelijke winterdijken. Doordat er sloten gedempt zijn komt hier en daar het grondwater omhoog. Op die plaatsen groeien zeldzame zeggevegetaties. In het voorjaar kleuren de onbemeste graslanden lila van de pinksterbloemen, in mei is het land geel van de paardenbloemen. Verder groeit er o.a. knikkend tandzaad en grote ratelaar.

Ook vogels hebben hier hun leefgebieden gevonden. De grauwe klauwier en het paapje vinden in de bosjes rondom de laaggelegen weiden (meden) een mooie uitkijkpost. De watersnip heeft zijn schuilplaats in de rietgrasruigten en als je langs het riviertje loopt kun je wel eens een ijsvogel zien vissen. Het natte gebied trekt veel insecten aan, die op hun beurt weer amfibieën aantrekken, waar de reigers dan weer van profiteren. Naast de blauwe reiger wordt ook de grote zilverreiger er ’s winters vaak gezien. In het kader van het 40-jarig jubileum in 2010 hebben vrijwilligers van IVN Bellingwedde in 2011 een ooievaarsnest geplaatst. De eerste vogels zijn al gesignaleerd. Zij hebben het nest verkend en zelfs licht 'verbouwd', maar tot nu toe is het nog niet tot broeden gekomen. (bron: IVN Bellingwedde)

- In 2016 heeft het 30 ha grote Landgoedpark Tenaxx (Borgesiusweg 1, in het uiterste W van buurtschap Hoorn) zijn deuren geopend. Het is enerzijds een dinopark, anderzijds een bomenpark (arboretum). Het park laat zien dat dinosaurussen en bomen in tientallen miljoenen jaren gezamenlijk geëvolueerd zijn. Dinosaurussen zijn planteneters of vleeseters. De vleeseters zijn afhankelijk van de planteneters en die zijn op hun beurt afhankelijk van planten. Het voedsel van dinosaurussen was vaak heel moeilijk verteerbaar. Zij moesten takken van naaldbomen verslinden. Op allerlei manieren zijn de plantenetende dinosauriërs aangepast geraakt aan hun plantenvoedsel: de vorm van hun gebit, de vorm van hun schedel, de lengte van hun nek, hun soms enorme grootte, de inhoud van hun maag: dat alles wijst op een aanpassing aan de planten die voorhanden waren.

Omgekeerd hebben de planten zich verzet tegen de vraatzucht van de dinosauriërs. Zij ontwikkelden oneetbare delen, harde stammen, en verdedigingsmiddelen zoals stekels en gif. Tegelijkertijd gebruikten de planten de dinosauriërs en hun voorgangers om zich te verspreiden. Zo zorgde de ginkgo via de geur van rotting dat aaseters zijn zaden verspreidden. Het bomenpark laat op allerlei manieren zien hoe de bomen en planten hun intelligentie ontwikkeld hebben, ook in de strijd met de dinosauriërs. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de natuurlijke variatie. Die wordt in het bomenpark getoond door de verzameling van treurvormen. Die bedraagt op dit moment zo’n 650 soorten en is daarmee de grootste verzameling treurbomen ter wereld.

In het dinopark gaat het in eerste instantie om kindervermaak. Dat wordt verzorgd doordat de kinderen de dino’s alleen in een zoektocht door de bossen kunnen vinden. Zij worden daarbij opgeschrikt door de vervaarlijke dinogeluiden. Ook kunnen kinderen zich op allerlei andere manieren vermaken: dino-opgraving, survivalrun, bootjesvijver etc. Maar ook het dinopark heeft zijn serieuze kanten: daar wordt duidelijk gemaakt welke geluiden de dinosauriërs gemaakt zouden kunnen hebben en wat daaromtrent de stand van zaken in de wetenschap is.

- Tot 2008 was er het Miniatuurpark Appelscha in het gelijknamige dorp. In het park zijn de provincies Groningen, Friesland en Drenthe op schaal nagemaakt. Onder meer de Martinitoren, de Stadsschouwburg en het Centraal Station in Groningen maken deel uit van het park. In 2008 is de attractie aangekocht door de gemeente Stadskanaal, die het in die plaats wilde vestigen als Miniatuurpark Stadskanaal. Door de toenmalige economische crisis heeft de projectontwikkelaar die daar plannen voor had, zich teruggetrokken en zijn de objecten opgeslagen in afwachting van een nieuwe bestemming. In 2018 is de collectie voor een symbolisch bedrag overgedragen aan oud-hoogleraar filosofie Wouter Oudemans - die het toevoegt aan zijn Landgoed Tenaxx in Wedde, dat reeds een dinopark en arboretum omvat - op voorwaarde dat hij het park laat restaureren en daarna in zijn geheel publiekelijk laat zien. Aan die voorwaarden komt Oudemans graag tegemoet. De restauratie kost twee jaar werk. "Het park heeft immers lang in het depot gelegen, er moet veel gebeuren om het weer op orde te krijgen. In het voorjaar van 2020 zal het klaar zijn. Ik verheug me daarop. Het park is een stuk cultureel erfgoed dat bewaard moet worden", zo stelde Oudemans bij de overdracht in april 2018.

Reactie toevoegen