Wouwse Plantage
Onderdelen
lokatie
Status
- Wouwse Plantage is een dorp, landgoed en bos in de provincie Noord-Brabant, in de streek Baronie en Markiezaat, gemeente Roosendaal. T/m 1996 gemeente Wouw.
- Onder het dorp Wouwse Plantage vallen ook de buurtschappen Hoevestein, Plantage Centrum, Vleet, Westelaar en Wouwse Hil.
Naam
Oudere schrijfwijzen
De begintijd: verschillende namen
In de begintijd van het ontstaan van het dorp Wouwse Plantage (tweede helft 19e eeuw) werd het Stenen Kamer, Nieuwdorp of Nieuwe Dorp (een naam die tot op heden soms nog wordt gebruikt) of Dorp genoemd. 1840-1854 De Plantage. Op kadastrale kaarten uit die tijd komen ook de namen Wildenhoek en Wildebroek voor.
Pindorp
Rond 1920 verschijnt in briefwisselingen de naam Pindorp naast Wouwsche Plantage of kortweg Plantage. “De naam Pindorp is bijna zeker afkomstig van de Wouwse pastoor Tielens, die met lede ogen moest toezien hoe zijn parochie een gevoelige amputatie dreigde te ondergaan door de afsplitsing van Wouwse Plantage. De financiën zouden er erg onder lijden. Daarom zou hij mensen uit het gebied van de nieuwe parochie die in Wouw kerkten, gezegd hebben dat zij maar in dat ‘Pindorp’ moesten blijven. De naam Pindorp wordt in de volksmond verklaard als ‘dorp gebouwd in een gerooid mastbos’; de stronken van de bomen (mastepinnen) bleven nog lange tijd links en rechts zichtbaar. Delahaye twijfelt aan deze verklaring en neemt aan dat de naam Pindorp te maken heeft met de benaming ‘mastpinnen’ voor mastappels (dennenappels, red.). Ikzelf voel toch meer voor de eerste verklaring. Zij staat veel dichter bij de realiteit van 1876 (het jaar van ontstaan van de parochie, red.); huizen verrijzen waar de laatste resten van het gerooide bos nog aanwezig zijn” (aldus M. de Koning in het tijdschrift van Heemkundeikring De Vierschaer, 1988-4).
Pindorp moet Wouwsche Plantage worden
In 1938 doen B en W aan de PTT het verzoek in het telefoonboek de naam Pindorp te wijzigen in de ‘officiële’ naam Wouwsche Plantage, omdat “volgens bekomen inlichtingen de naam Pindorp feitelijk een scheldnaam is. Deze naam wordt hier ook nimmer gebezigd, doch steeds wordt gesproken over ‘Wouwsche Plantage’. Aangezien het gebruik van deze verschillende benamingen vaak moeilijkheden oplevert, verzoeken wij U beleefd in Uwen dienst voortaan alleen de officieele benaming ‘Wouwsche Plantage’ te willen bezigen. Wij vertrouwen, dat U aan ons verzoek zult willen voldoen.”
Het hulpkantoor, dat in 1930 was opgericht, is echter tot 1959 (ook in de postale afstempelingen) de naam Pindorp blijven hanteren.
Toch maar weer Pindorp, of toch maar niet?
In 1958 stellen B en W ondanks het hiervoor vermelde aan de gemeenteraad voor (wederom ‘officieel’) de naam Pindorp te gaan hanteren! Ditmaal motiveert de toenmalige burgemeester Hoebens het als volgt: de PTT en de Belastingen gebruiken de naam Pindorp, net als de bevolking van het onderhavige kerkdorp. En om verwarring te voorkomen en het bosgebied van het dorp te onderscheiden (het omliggende bosgebied heet ook Wouwsche Plantage) acht hij het het beste om één naam te gaan hanteren en wel ‘Pindorp’. Tegelijkertijd onderkent hij de nadelen van het voorstel. De naamgeving in statuten van verenigingen zal moeten veranderen en vaandels zullen niet meer de juiste naam dragen, bovendien heet het dorp kerkelijk Wouwse Plantage. De dorpelingen komen echter tegen het voorstel in opstand. Ook wethouder J. Raaymakers die zelf uit het dorp afkomstig is, is het er niet mee eens en stelt dat de naam Pindorp elders in den lande ‘iets denigrerends’ heeft. Hij doet een beroep op de gemeenschap, ‘die een taak heeft om ieder op te voeden in het gebruik van de naam Wouwsche Plantage’. Wagenmaker Arjaan v.d. Boom stelt: ‘al moet het mij persoonlijk geld kosten, dan nog ben ik voor Wouwse Plantage. Als je zegt dat je uit Pindorp komt, denken ze dat je in een achterbuurt woont.’ Vijfentwintig mannen besluiten, in vergadering bijeen, een handtekeningenactie te organiseren en deze met een petitie waarin een verzoek om vaststelling van de naam Wouwse Plantage aan B en W aan te bieden. In totaal werd aan 293 huisgezinnen en alleenstaanden om een uitspraak gevraagd, waarvan 257 expliciet vóór Wouwse Plantage stemden.
1958: eindelijk officieel Wouwsche Plantage
De raad besluit in maart 1958 conform het voorstel van de bevolking, hoewel de burgemeester het maar ‘een storm in een kop kouwe thee’ vindt. Onder meer het telefoonboek wordt er weer op aangepast en ook de postale stempels ondergaan de naamswijziging.
1968: afscheid van de "ch"
In 1968 wordt voor de laatste keer aan de naam gesleuteld. De gemeenteraad besluit de ‘ch’ uit de naam te verwijderen en er formeel Wouwse Plantage van te maken. Overigens wordt (althans in de atlassen van de Topografische Dienst en ANWB) het om het dorp gelegen landgoed wél nog steeds Wouwsche Plantage genoemd. Dat komt omdat bij niet-plaatsnamen zoals bossen en waterlopen, de ch nooit officieel ongedaan is gemaakt. Misschien kan de gemeenteraad van (inmiddels) de gemeente Roosendaal zich hier nog een keer over buigen?...
Met carnaval en informeel nog steeds Pindorp...
“De actie uit 1958 heeft niet kunnen verhinderen dat in de volksmond ‘Pindorp’ of ‘De Pin’ nog algemeen gebezigd wordt. De carnavalsvereniging De Mastepinnen zal die namen zeker levend houden”, aldus M. de Koning in het tijdschrift van Heemkundekring De Vierschaer, 1988-4, aan welk artikel ook een groot deel van de bovenvermelde informatie is ontleend.
De situatie rond Wouwse Plantage / Pindorp doet ons sterk denken aan de vergelijkbare situatie in Bosschenhoofd / Seppe.
Naamsverklaring
Wouwse Plantage is genoemd naar de plantage waarin het ligt, met de toevoeging Wouwse, naar het nabijgelegen Wouw. Plantage betekent ‘aangelegd bos’.
Carnavalsnaam
Tijdens carnaval heet Wouwse Plantage (weer) Pindorp, Pindurp of Mastepinnelaand. De inwoners heten dan Mastepinnekes en de feestzaal De Pin. Voor een verklaring van de begrippen mast en pin zie bij `Oudere schrijfwijzen`. Wouwse Plantage heeft doorgaans de eerste carnavalsoptocht van de regio. Er doen zo’n tien wagens aan mee, naast groepen, paren, enkelingen en muziekbands. “Veel wagenbouwers uit de omtrek proberen hier hun wagens uit. Gaat er iets mis, dan hebben zij nog bijna een week de tijd om dat te repareren. Door die try-outs is onze optocht vaak een van de mooiste dorpsoptochten”, aldus Alex Deelen van carnavalsstichting De Mastepinne (862).
Ligging
Wouwse Plantage ligt 4 km Z van Wouw. De streek Wouwse Heide ligt 1 km ZO van Wouwse Plantage, tussen de Schouwenbaan en de Mariabaan, en wordt doorsneden door de rivier de Zoom.
Statistische gegevens
Wouwse Plantage heeft ca. 500 huizen met ca. 1.200 inwoners.
Geschiedenis
Wouwse Plantage is gesticht door baron Pierre Joseph de Caters, een rijke bankier uit Antwerpen, die het gebied tijdens een openbare verkoop in 1839 aankocht. In 1845 werd bij het oude jachthuis een herenhuis gebouwd, het ‘witte kasteeltje’, later gevolgd door andere woningen (onder meer van dagloners). In 1876 werd de nieuwe parochie Wouwsche Plantage opgericht. Bij de aanleg van het dorp waren brede stroken grond tussen de huizen en de weg vrijgehouden. Mogelijk was het de bedoeling hier een spoorlijn aan te leggen, want De Caters beschikte over een smalspoor dat van zijn kasteeltje naar de steenfabriek liep. Vanaf de steenfabriek liep een tweede smalspoor naar het station in Wouw. Zie verder bij de buurtschap Plantage Centrum.
“Het landgoed stamt oorspronkelijk uit de 14e of 15e eeuw. In die tijd hadden de markiezen van Bergen op Zoom hout nodig, bijvoorbeeld om te koken, te stoken en voor de verbouwingen. Dus besloten zij hier een echte plantage aan te leggen”, aldus Arno Melis van heemkundekring De Vierschaer, die met nog enkele leden van de kring regelmatig rondleidingen over het landgoed verzorgt. Begin 19e eeuw waren hier nog alleen dennenbossen.
Landgoed Wouwse Plantage bestaat uit uitgestrekte loof- en naaldbossen. Tevens zijn er landbouwgronden, een zandverstuiving, lange beukenlanen, met rododendrons omzoomde paden, vennen, droge hooggelegen delen en lage modderige delen te vinden.
Het landgoed is 950 hectare groot en is eigendom van verschillende particulieren en instanties. Het omvat een twaalftal gebouwen die, met uitzondering van het Brandweermuseum, allemaal op de rijksmonumentenlijst staan. “Dit betekent dat de gebouwen aan de buitenkant allemaal intact, dus in de oude stijl, moeten blijven. De oude smederij bijvoorbeeld, is in 1999 herbouwd. Van binnen blijft het geen smederij, maar wordt het een woonhuis. Maar aan de buitenkant mag er niets veranderen”, aldus Arno Melis (907). Het landgoed wordt jaarlijks door circa 200.000 mensen bezocht.
Recente ontwikkelingen
Geïntegreerd bosbeheer
De bossen van Wouwse Plantage worden de laatste jaren beheerd volgens de methode van het geïntegreerd bosbeheer. De eentonige rechte rijen van het productiebos worden daarbij omgevormd tot een afwisselender en aantrekkelijker recreatiebos. “Veel bossen in de omgeving zijn destijds aangeplant om hout te leveren voor de mijnen in Limburg. Veel sparren en dennen met mooie rechte stammetjes in mooie rechte lijnen. Alleen horen die bomen hier eigenlijk niet overal thuis en bovendien ‘verstikken’ zij soms andere vegetatie. Daarnaast werden soms hele ‘akkers’, want zo heet dat in de bosbouw, omgehakt en daarna opnieuw ingeplant waarmee tijdelijk grote kale vlakten ontstonden. Niet mooi om te zien”, aldus een gemeentewoordvoerder (423). In de toekomst wordt op dergelijke kavels slechts een beperkt aantal bomen gekapt waarna lege plekken door de natuur, oftewel bomen en struiken in de omgeving, worden ‘ingevuld’. “Wij laten zaken gewoon ontkiemen. Daardoor krijgt het bos meer struiken en kleinere bomen, kortom een natuurlijker aanzicht. Ook omgevallen bomen worden niet ‘netjes’ opgeruimd. Want dat soort dood hout vormt voor allerlei dieren een gelegenheid. Als nestplaats voor bepaalde vogels bijvoorbeeld.” Een deel van de bossen is in beheer bij de Stichting Beheer en Natuur Landelijk Gebied SBNL.
Bezienswaardigheden
- Bij basisschool H. Hart staat het kunstwerk ‘Blokkenbeeld’ van de bekende Wouwse, in 1990 overleden, kunstenaar Kees Keijzer. Het stelt, toepasselijk, kinderspeelgoed voor.
- Het bronzen beeld ‘De Pinnenrooier’ (1997) van Leon Vermunt verwijst naar de bosbouw. Met ‘pinnen’ (een begrip dat wij vandaag de dag heel ergens anders voor gebruiken…) worden mastepinnen oftewel dennenbomen bedoeld.
- Zie verder bij de buurtschap Plantage Centrum.
Musea
- Steenoven Wouwse Plantage.
- Brandweermuseum.
Jaarlijkse evenementen
- In de maanden april en mei is het besloten deel van landgoed Wouwse Plantage, alleen op afspraak via de VVV’s Wouw en Roosendaal, geopend voor groepen van minimaal twintig personen.
- Harvest Fair (weekend in juni).
- De wielerwedstrijden De Hel van De Pin en de Kermisronde worden verreden op de tweede dinsdag in augustus. De Hel van De Pin is een open wielerkoers voor rijders zonder licentie over 25 ronden. Onderdeel van de rit is een barre tocht over de Koolbaan, een zandbaan die de Plantage verbindt met de Bleijdenhoeksestraat. Deze tocht kan alleen gereden worden door personen van 18 tot en met 36 jaar en heeft een lengte van 50 kilometer. Verder zijn er diverse volksronden en een spektakelkoers, waaraan fietsers en voertuigen in wonderbaarlijke vermommingen meedoen. Deelname aan deze tocht staat alleen open voor inwoners van Wouwse Plantage, Wouw, Heerle en Moerstraten. Site De Hel van De Pin.
Natuur en recreatie
- Nadere informatie over wandel- en fietsmogelijkheden door de bossen van Wouwse Plantage.
Overnachten
- Vakantiehuizen in Wouwse Plantage en omgeving (online te boeken).
Links
- Beschrijving van het huidige Wouwse Plantage. (pdf)
- Bewonersplatform Wouwse Plantage.




