Skip to content
Rotterdam » Natuur en recreatie » Schieveen

Schieveen

Plaatsnaam: 
Type: 
Natuur- en recreatiegebied
Beschrijving: 

Status
Schieveen is een polder, voormalig landbouwgebied en beoogd natuur- en recreatiegebied, deels bedrijventerrein in wording.

Ligging
De polder wordt in het W begrensd door de A13, in het N door de Berkelse Zweth, in het O door de Oude Bovendijk bij Berkel en Rodenrijs, en in het Z door Luchthaven Rotterdam (Zestienhoven).

Statistische gegevens
De polder is ca. 400 hectare groot, waarvan ca. 200 hectare natuur- en recreatiegebied beoogt te worden.

Recente ontwikkelingen
Als alles meezit gaat de polder Schieveen flink op de schop. Zo’n tweehonderd hectare worden opnieuw ingericht als nat, moerassig natuurgebied. Via fiets- en wandelpaden kunnen Rotterdammers hier straks aan de hectiek van de stad ontsnappen. Ze kunnen zelfs tot aan de Ackerdijkse Plassen onder Delft fietsen, waar het wemelt van de vogels. De nieuwe natuur is onderdeel van een gebiedsontwikkelingsproject: bij Zestienhoven is ook ruimte voor een nieuw bedrijventerrein.

Natuurmonumenten, eigenaar van de Ackerdijkse Plassen, is nauw betrokken bij de dit Natuur- en businesspark Schieveen. ‘Het is een prachtkans om in een van de drukste stukjes Nederland nieuwe, robuuste natuur te maken,’ zegt Jan Jaap de Graeff (1949), sinds 2003 algemeen directeur. ‘En tegelijkertijd lopen we met dit project tegen iets anders aan. Veel mensen hebben er moeite mee om ons in deze rol te zien. Met medewerking van Natuurmonumenten moeten boeren en polderbewoners verhuizen en komt er bedrijventerrein bij!’

Het heeft te maken met de beeldvorming. Natuurmonumenten, een onafhankelijke vereniging met ruim 880.000 leden, stelt natuur, landschap en cultuurhistorie veilig door gebieden aan te kopen, te beheren en te beschermen. Dat is ruim een eeuw geleden begonnen, toen Jac P. Thijsse en Eli Heijmans wilden voorkomen dat de gemeente Amsterdam het Naardermeer zou gaan gebruiken als vuilstortplaats. De eerste aankoop, in 1906, was dan ook het Naardermeer. Toen datzelfde meer een paar jaar geleden in de verdrukking dreigde te komen door de geplande aanleg van een snelweg tussen de A6 en de A9, liet Natuurmonumenten dan ook luidkeels van zich horen. Zo kent Nederland Natuurmonumenten: de club die opkomt voor behoud van de bedreigde natuur.
‘Behouden en beschermen van ons bezit is niet voldoende, daarmee redden we het niet. We willen meedenken, zij het met een gezonde dosis argwaan en een kritische blik’

Dat Natuurmonumenten ook betrokken is bij gebiedsontwikkeling, en in die rol soms verrassende stappen zet, is minder bekend. Wie het jaarverslag leest of de website bekijkt, komt het ook niet meteen te weten. De Graeff heeft er een verklaring voor: ‘Het initiëren van gebiedsontwikkeling is niet onze core business. Ons primaire doel is ervoor te zorgen dat er meer en mooiere natuur komt. Dat doen we door onze natuurgebieden, ruim 100 duizend hectare, goed te beheren en door nieuwe gebieden te verwerven. En we doen het door lobbying, door beïnvloeding van bestuurders.’

Maar als de ontwikkeling van een gebied dankzij een gunstige financiële exploitatie meer of betere natuur kan opleveren (‘groen dankzij rood’), kan ook het doel van Natuurmonumenten daarmee gediend zijn. Om die reden werkt Natuurmonumenten aan verschillende projecten mee. Soms op kleine schaal, zoals in ’s-Graveland, op een steenworp afstand van hoofdkantoor Schaep & Burgh. De Graeff: ‘Samen met ING Vastgoed en de gemeente Wijdemeren bekijken we daar hoe we een landgoed kunnen ontwikkelen in een gebied dat nu verrommeld en vervuild is. De gedachten gaan uit naar nieuwe appartementen, in combinatie met natuurontwikkeling. Zo’n proces duurt jaren. Het heeft een tijd op een laag pitje gestaan, is nu gereanimeerd, maar het blijkt moeilijk om het financieel rond te krijgen. De kredietcrisis maakt het er allemaal niet makkelijker op.’

Een voorbeeld op middelgrote schaal is de eerdergenoemde polder Schieveen bij Rotterdam. Maar er zijn ook grootschalige ontwikkelingen. De Graeff: ‘Zo denken we actief mee over het IJmeer en Markermeer. We zijn niet a priori tegen een vaste oeververbinding tussen Almere en Amsterdam, en evenmin tegen buitendijkse bebouwing, mits voorafgaand in de natuur wordt geïnvesteerd en die er per saldo op vooruit gaat. Zo’n standpunt belonen sommigen met applaus. Anderen spreken er schande van.’

Als Natuurmonumenten betrokken is bij gebiedsontwikkeling, zijn dus steeds heersende verwachtingen in het geding, het beeld dat de leden en de buitenwereld van de vereniging hebben. ‘Het is gemakkelijker uit te leggen waarom je mordicus tegen de A6-A9-verbinding bent, dan waarom je meedenkt over een brug door het IJmeer,’ zegt De Graeff. ‘Maar per saldo kan ons doel ermee gediend zijn als wij meewerken. Behouden en beschermen van ons bezit is niet meer voldoende, alleen daarmee redden we het niet. We willen meedenken, zij het met een gezonde dosis argwaan en een kritische blik. En we moeten altijd kunnen uitleggen dat de koers die wij varen per saldo het beste is voor de natuur.’

Anders dan het Hollandse spreekwoord wil, moet de baat vóór de kost uitgaan. De Graeff: ‘Wij werken alleen mee als het groen van te voren goed is geregeld. Is dat niet zo, dan zul je zien dat die nieuwe appartementen er wél komen, maar dat er uiteindelijk tegenvallers zijn, en dus te weinig geld om ook van het groen nog iets te maken. Dat mag nóóit gebeuren. Daarom moeten we zekerheden inbouwen. Dat is een subtiel spel. Maar door onze massa zijn we een geduchte tegenspeler.’
(bron: Nederland Boven Water, januari 2009)

0