Eerste kievitsei
In Fryslân is het al jaren een traditie en een sport om in het voorjaar het eerste kievitsei te vinden. Die datum komt de laatste decennia overigens steeds vroeger in het voorjaar te liggen. Waarom dat zo is, kunt u vinden in het Milieu & Natuur Compendium. In 2005 werd het eerste ei gevonden op 16 maart 2005. Een jaar later
werd het eerste ei gevonden op 18 maart, bij Beek en Donk in
Noord-Brabant. In 2008 is het eerste kievitsei op 3 maart gevonden in
de Maatpolder bij Eemnes.
Het is een Friese traditie om het eerste kievitsei aan te bieden aan de
Commissaris van de Koningin. Vroeger werd het aan de Koningin
aangeboden. Het eerste kievitsei staat symbool voor het begin van het
voorjaar.
Liefhebbers van het eierenrapen mogen alleen tussen 1 maart en 1 april de weilanden in. De provincie Fryslân verleent voor het rapen een vergunning. Fryslân is het enige gebied in de Europese Unie waar op cultuurhistorische gronden kievietseieren mogen worden geraapt.
In de loop der jaren is het eierzoeken, in het Frysk "aaisykjen", aan steeds strengere regels gebonden. In de jaren vijftig werd bepaald dat grutto-eieren (skriesaaien) niet meer geraapt mochten worden. In de jaren tachtig werd het kievitseirapen in Nederland verboden. In 1997, toen de provincies de zeggenschap kregen over de uitvoering van de Flora- en Faunawet, moesten eizoekers voortaan in het bezit zijn van een ‘aaisikerpas’. In 2002 werd daaraan de verplichte nazorgpas gekoppeld, waardoor elke eierraper ook aan nestbescherming moest doen.
Voorstanders van het behoud van de traditie stellen dat het rapen niet schadelijk is voor de populatie omdat de kievit goed in staat is een tweede legsel te produceren. Bovendien zorgen rapers voor zogenaamde nazorg, dat wil zeggen dat het nest gemarkeerd wordt zodat boeren het nest kunnen ontzien bij het maaien. Tegenstanders stellen daar tegenover dat door steeds vroeger maaien veel van die tweede legsels verloren gaan.
Het ljipaaisykjen mocht in 2009 doorgaan, maar was wel aan strengere regels gebonden. In 2009 mochten 6.431 eiereren worden geraapt (dat is een norm die is vastgesteld waardoor de kievitsstand niet in gevaar komt). Om dat te verifiëren moet de eizoeker eerst een sms sturen om toestemming te vragen of hij het ei mag rapen, afhankelijk van of dat maximum al dan niet al is bereikt. Zie voor nadere toelichting de uitspraak van de Raad van State in juni 2008 (de link opent een .pdf document). De laatste stand van zaken hieromtrent kunt u ongetwijfeld ook vinden op de site van de Bond van Friese Vogelwachten. In 2010 en in 2011 mochten 5.939 eieren worden geraapt.
Veldkundige Joop Jukema is tegenstander van de huidige manier van eierenzoeken/-rapen en stelt dat het slecht is voor de populatie, omdat juist de eerste legsels het beste nageslacht leveren. Zie zijn betoog in Vogelnieuws feb. 2009 pag. 10 en 11 (de link opent een .pdf document).
