Ophovenermolen
Vlak voor de aftakking van de Molenbeek lag op de Geleenbeek de Ophovenermolen. Het feit dat deze molen een leen vormde van de mankamer (leenhof) van kasteel Born duidt op een hoge ouderdom, die mogelijk teruggaat tot de tijd van Walram de Rosse van Valkenburg, heer van Sittard en Born (1301), of de heren van Born zelf, die rond 1290 hun macht zagen wegkwijnen.
Watermolens konden voor diverse doeleinden gebruikt worden: voor het malen van graan, het persen van olie, het bewerken van textiel of huiden of voor het zagen en slijpen. De Ophovenermolen wordt in 1481 graan- en oliemolen genoemd. Ook aan het begin van de 18e eeuw is dit nog zo en vindt men de toevoeging dat het geen volmolen meer is. Expliciet wordt telkens vermeld dat de Ophovenermolen geen banmolen was, zoals de graanmolen in de binnenstad. Van een banmolen was sprake, wanneer de bewoners van een bepaald gebied verplicht waren van deze molens gebruik te maken. Het bandistrict van de graan- en oliemolen van de binnenstad bestond uit de stad Sittard, Overhoven, Stadbroek en de Steenweg tot aan Lauterbeinß Funderen. In de tweede helft van de 18e eeuw is er sprake van een Korn- und Buekweizmühl, een graan- en boekweitmolen. In de 20e eeuw is de molen ook gebruikt voor het zagen van hout.
Na het overlijden van het laatste molenaarsechtpaar ging de molen, die al jaren niet meer in gebruik was, in 1973 in eigendom over naar de Stichting Jacob Kritzraedt. Restauratie volgde in 1976, maar door wateroverlast ten gevolge van een onweersbui op 26 mei 1983 werden het waterrad en het gangwerk zwaar beschadigd. Na vijftien jaar stilstand kan door de restauratie van 1998 het waterrad weer als vanouds draaien. In het molenhuis is een restaurant gevestigd. Uitgebreide informatie over de geschiedenis en restauratie van de molen vindt u op www.kritzraedt.nl. (3153)
- Nadere informatie over Ophovenermolen op molens.nl.





Nieuwe reactie inzenden