Johannes de Doperkerk
Aan de Johannes de Doperkerk van Mechelen werd begonnen in 1810. Het was architect Matthias Soiron uit Maastricht die de ontwerpen maakte. De toren, met romaanse elementen als spaarvelden en rondboogfriezen, ontstond enkele decennia later, in 1837. Later werd het schip verlengd en nog later (1935) maakte men de halfronde koorpartij.
Voor een in kerkarchitectuurhistorisch opzicht nog tamelijk jong gebouw heeft de kerk van Mechelen al heel wat wijzigingen aan de oorspronkelijke opzet gekend.
In het met een tongewelf gedekte interieur zijn diverse voorwerpen te vinden die afkomstig zijn van een ouder gebouw ter plaatse of van elders. Het hoofdaltaar is uitgevoerd in een barokke vormentaal en geeft daarmee aan ouder te zijn dan de dagen van Soiron. Bij dit altaar zijn de 14e eeuwse houten bustes te vinden van twee bisschoppen van wie we de namen niet kennen. In deze beelden werden relieken bewaard. De maker van een houten sculptuur verbeeldde het afgehakte hoofd van Johannes de Doper. Het stamt uit de 16e eeuw en is veelkleurig beschilderd. Deze polychromie was gebruikelijk, maar is bij de meeste oude houten sculpturen in de loop der eeuwen verdwenen. Ouder dan de kerk zijn ook nog de weelderige rococo-preekstoel (18e eeuw) en een hardstenen doopvont (17e eeuw). (3324)


