Zwartenbergse Watermolen
De Zwartenbergse Watermolen*, gelegen aan de provinciale weg tussen Etten-Leur en Zevenbergen, in de buurtschap Zwartenberg, is een ronde stenen grondzeiler. Het is de enig overgebleven poldermolen in West-Brabant. De molen pompt water vanuit de polder naar de Leurse Haven. Het water ging op die manier voor de polder verloren, omdat het wegstroomde naar de Mark. Daardoor kon de molen niet worden gebruikt als het waterpeil te laag stond.
Tot 1997 maalde de molen maar eens in de twee weken, en dan nog alleen als de waterstand dat toeliet. In dat jaar is een omleiding, een ‘bypass’, aangelegd waardoor de molen onafhankelijk van de waterstand kan draaien. De omleiding pompt het water terug naar de polder. Technisch is het voor een molen beter om vaker te draaien, en ook toeristisch is het aantrekkelijker. De molen is niet nodig voor het op peil houden van de waterstand in de polder. Deze taak wordt door een gemaal verricht. Op een informatiepaneel bij de molen wordt het verhaal van de omleiding uit de doeken gedaan.
De eerste molen die in documenten voorkomt, dateert uit 1722 en was een wind-watermolen met een ijzeren scheprad en rieten bedekking, maar waarschijnlijk was er reeds eerder een molen of een rad, dat was immers nodig om het (begin 16e eeuw ingepolderde) land droog te houden. Die molen is in 1888 afgebrand door blikseminslag. De huidige molen dateert uit 1889. In 1922 kreeg de molen een zuiggasmotor en een centrifugaalpomp. In 1944 werd de motor vervangen door een dieselmotor. In de jaren vijftig kwam de molen buiten gebruik, doordat er een nieuwe elektrische watermolen aan de Halse Sluis werd gebouwd. De motor verdween toen, maar de waterpomp en het scheprad bleven in de molen.
De molen is in drie jaar tijd, van 2000 tot en met 2002, grondig opgeknapt. De molen is opnieuw geschilderd. Volgens de Sprundelse molenaar Mienus van den Broek (die ook de molen in Sprundel beheert) was dat hard nodig: “Het leek meer op de Groenenbergse dan op de Zwartenbergse Molen” (974). Verder is onder meer de ‘baard’ (de versierde houten plaat achter de wieken) vervangen, omdat deze aan het rotten was.
In het molenlijf is een steen ingemetseld met de tekst: “Ik breng het water naar omhoog / eenmaal een polder schielijk droog / thans ben ik jong door de techniek / van de Van Bussels stoomlijnwiek.”
De functie van de molen is sinds 1968 overgenomen door het tegenwoordig elektronisch gestuurde gemaal Halle, gelegen aan de kruising van de Zeedijk met de Halse Vliet, even zuidelijk van de Mark. Overigens kan bij een calamiteit aan het gemaal, de molen nog steeds worden ingeschakeld. “Het gemaal bemaalt twee polders. Enerzijds verzorgt het de afwatering van het stroomgebied van de Haagse Beemden en anderzijds dat van de Zwartenbergse Polder. Met behulp van twee gemalen wordt het overtollige water naar de hogergelegen Mark gepompt. Het omgekeerde is ook mogelijk. Het kan namelijk voorkomen dat in de zomer het waterpeil in de lagere gedeelten te laag komt te staan. Om dit te voorkomen, wordt het water in de Mark teruggesluisd naar de lagergelegen waterlopen. Hierdoor kunnen landbouwers toch hun land beregenen en is er voldoende drinkwater voor het vee. Om te zorgen dat bij een aanhoudende regenbui de inwoners van Breda en Etten-Leur droge voeten houden, kan het waterschap de polder aangrenzend met het gemaal – de boezempolder – laten onderlopen. De desbetreffende grondeigenaren zijn hiervan op de hoogte” (931).
* Geopend wanneer de molen draait, meestal om de veertien dagen zaterdag 13-17 uur en op afspraak. Tel. 0165-386361.
- Nadere informatie over Zwartenbergse Molen op molens.nl.

Nieuwe reactie inzenden